Michael DE JONG, Requiem For The Lonely: ‘’Requiem For The Lonely’ eist onverdeeld de aandacht op…. Maar je krijgt er ontzettend veel voor terug’

De cd is enkel verkrijgbaar bij concerten of op www.michaeldejong.com !!!

Het klinkt bijna als een epitaaf, maar Michael, intussen 71, doet zijn allerlaatste toer doorheen Nederland (waarbij het hem diep spijt dat er geen Belgisch luik aan is, al was hij hier altijd een graag geziene gast) en aansluitend daarbij ziet het ernaar uit dat ‘Requiem For The Lonely’ zijn laatste muzikale statement zal zijn, zoals de titel al aangeeft en zoals ook de hoestekening suggereert. Zijn hele bewogen bestaan was en is de illustratie van het adagium: ‘What doesn’t kill you, makes you stronger’, waarbij je ‘stronger’ mag begrijpen als ‘wijzer, rijker, beter en bewuster levend’. Muziek geraakte door zijn groeiende levenservaring steeds dieper verweven met zijn dagelijks bestaan, één weefsel, één textuur. ‘One Love’ zou hij zelf zeggen…

Na zijn eerste eigen plaat ‘All Night Long’, ontstaan in 1981 toen hij zelf nog de American dream naliep (producer Nick ‘The Greek’ Gravenites speelde o.a. nog met Janis Joplin), is Michael steeds persoonlijker geworden in zijn songteksten. Dat vond op het eind van het vorige millennium zijn ultieme expressie in een reeks platen waarop de songs bijna ondraaglijk open en eerlijke ontboezemingen zijn, momentopnamen van een getormenteerde ziel. We denken bij voorbeeld aan ‘The Waiting Game’, ‘Park Bench Serenade’, ‘Last Chance Romance’, ‘Imaginary Conversation’… Die komen stuk voor stuk neer op een muzikale openhartoperatie. Zo bekeken heeft Michael zonder verpinken gedaan wat Jimmy Reed hem bezwoer: ‘It ain’t how you sing the song boy, it’s how you live your life’.

Hoewel ze alle onderling een ander ‘tijdperk’ bestrijken, en vaak ook een andere muze als inspiratiebron hebben, en dus een enigszins andere geest ademen, sluiten die platen goed bij elkaar aan, zonder onderling verwisselbaar te zijn. Maar zijn songs lezen nu eenmaal als een dagboek en omdat ze geschreven zijn door diezelfde man met zijn typische hoekige take-no-prisoners bluesstijl en zijn rauwe maar expressieve zang is een ‘bespreking’ maken van ‘Requiem For The Lonely’ vanzelf ook een overzicht van quasi zijn hele oeuvre.

Het is bon ton om een artiest te vergelijken met voorgangers en collega’s, en invloeden te zoeken. Het is in geval van De Jong een overbodige oefening, niet omdat die er niet zijn, wel omdat het een overbodige oefening is bij iemand die de synthese al lang gemaakt heeft, en alleen nog zichzelf is. Of je nu van de man zijn muziek houdt of niet, die verregaande symbiose kan je hem niet ontnemen. Weinig artiesten bereiken dit niveau.

Zijn afkomst en zijn levensloop lezen als een trein. De details vindt u vanzelfsprekend op het net, maar in een notendop: Franse moeder, Friese vader, als vijfjarige naar de States, woelwater in zijn jeugd, zwerfkat zodra de muziek zijn leven inpalmt, de blues tot in New Orleans en Californië, gitarist bij de grote Jimmy Reed tot aan diens schielijke dood. Daarna is er de groeiende weerzin van het Amerikaanse ieder voor zich systeem en weerklinkt de roep van Europa steeds luider. Noordelijk Europa ploegt hij grondig om. In lijn met zijn achternaam, belandt hij uiteindelijk in Nederland. Ten slotte maakt hij van Dordrecht zijn thuisbasis.

Nog dit. Er zou een warning sticker moeten plakken op zijn cd’s: als jouw idee van de blues het beluisteren is van een artiest of band die de lekkere riffs aaneen breit en/of als muzikaal behang kan fungeren, blijf dan weg van Michael De Jong. Doe het hem en uzelf asjeblief niet aan. Als ‘achtergrond’ werkt het helemaal niet. Een cd als ‘Requiem For The Lonely’ eist onverdeeld de aandacht op. Tijd en moeite, dat wel, maar je krijgt er ontzettend veel voor terug.

De cd begint met de stamper ‘Look What You’ve Done’ en die reikt meteen het Leitmotiv van het album aan: de moeilijkheid om een relatie aan te gaan van een diepe, blijvende soort. De zoektocht naar liefde en genegenheid, het verlangen naar geborgenheid en blind vertrouwen blijkt een constant gevecht en lijkt eeuwig en altijd… onbereikbaar. ‘Won’t you listen to me’ luidt het aan het eind, in een vreemde mengeling van aandrang en wanhoop. Meteen daarop slaat Michael keihard toe. Ballad ‘On This River Of Time’ gaat door merg en been. Michaels zang deint op de wisselende golven van emotie. Het refrein pakt:‘…and the way you take me back to when country roads ran through the summer fields inside my mind, and I find myself so in love with you, carried away on this river of time’ Zo’n belijdenis schuiven we meteen bij de grote love songs van de laatste jaren. We moeten ons inhouden om niet op ‘repeat’ te duwen.

Maar nummer drie ‘I’d Like To Know’ blijkt al even beklijvend als de vorige song: ‘Did you think the pain would slowly fade away… I’d like to know’. Het lijkt wel of het volgende ‘In That Midnight Hour’ met de twee vorige een trilogie vormt. In de meeste songs staat één vaak wisselende begeleider Michael bij (er zijn ook twee solostukken en in één song zijn er twee) Die mensen leveren zeer goed werk: Willem van Dullemen vult fraai ‘In That Midnight Hour’ in met zijn elektrische gitaar. In het iets fellere ‘False Alarm’ zit er zelfs een sitar (Atlas Sitar Brown) ‘Keeping It Simple’ is muzikaal iets lichter (Michael brengt het solo) In zijn typische stijl vol meesterlijke oneliners reflecteert Michael in algemene termen over het leven. Mooi hoe hij Romeo & Juliet een cameo geeft in zijn uitgewerkte verhaal. De levensles? Die stata in d etitel: ‘After I’m dead and gone and the stories have all been told, just think of my music as chicken soup for your soul… And keep it simple’.

Heel ingetogen is ‘The Waiting (Nothing New Here)’ ‘Be careful what you wish for: you might get more than you bargained for’ zingt hij vanachter zijn ‘wall of fear’. Hoe ingehouden ook, Michaels songs zijn nooit vrijblijvend: ‘Don’t have any answers… I don’t ever have a clue’. So much voor pretentie en grootspraak. Dan treft opnieuw de melancholie van het begin van ‘Requiem For The Lonely’. Het kleinood heet ‘Almost Rain Today’. Knap werk op de lektrische gitaar door Bobby Flurie onderstreept de teneur: ‘Rolling thunder in the distance, dry lightning flashes in the sky read the words in her letter…. Almost rained today’. Gevoelige harten weten waaraan zich te verwachten. Het volgende is muzikaal wat lichter, leunt zelfs bij country aan, wat men ook van de klacht kan zeggen: ‘Ain’t Done Crying Over You’ zegt genoeg.

Het voorlaatste nummer is de enige cover van de cd en sluit, althans in Michaels interpretatie, wonderwel aan bij de sfeer van ‘Requiem…’ die ook het eerste deel van de titel gans waarmaakt. Songsmeden Even Stevens & Randy McGormick schreven dit ‘Crazy In Love’, dat Joe Cocker in 1984 opnam voor ‘Civilized Man’ en waarvan ook Kim Carnes, Conway Twitty en Kenny Rogers bekende versies hebben. Het is een mooie accolade aan een song, die een onmiskenbare magie bezit. Dat werd voorheen enigszins gemaskeerd door het commerciële impact. Kan de laatste plaat van Michael De Jong anders eindigen dan met een klassieke blues? En kon die anders heten dan ‘Michael’s Blues’? Het Leitmotiv keert weer in al zijn ruwheid: ‘Nobody can tell me why a good love goes bad’. Veel geloof in de mogelijkheid om een standvastige relatie op te bouwen heeft Michael niet meer. Gelukkig is er de muziek. Ondanks alles balsem voor de ziel. Op de hoes verlaat zijn geest (je ziet enkel de contouren) de geliefde plek om te reflecteren: een bank in het park onder de lantaarn. Het is een uitnodiging voor u om daar te gaan zitten.

 

Antoine Légat.

Dit stuk staat ook op http://www.rootstime.be

De cd is enkel verkrijgbaar bij concerten of op www.michaeldejong.com !!!

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

OSAMA ABDULRASOL QUINTET, Jedid. ‘’Jedid’ is ongebreideld genieten van knappe composities geserveerd door vijf briljante musici’.

zie zowel Rootstime als Folkroddels

Op vrijdag 30 september gaat het officiële releaseconcert van ‘Jedid’ door in De Roma in Borgerhout. Zie verder http://www.deroma.be/Praktisch/Ticketinfo.aspx

Je hoopt dat het jou en je dierbaren in je eigen streek of land nooit overkomt, maar wat doe je als het toch gebeurt en je je vaderland moet achterlaten? Je neemt mee wat je kan dragen en de rest, je persoonlijkheid, je herinneringen en je cultuur, die zitten in je hoofd. Je gaat op zoek naar een ander land, waar je je talenten tot ontplooiing kan brengen. In Irak (hij werd geboren in Babylon, maar leefde in Karbala) was muziek verboden toen Osama Abdulrasol er nog woonde. Dus leerde hij in het geheim muziek spelen. Pas nadat hij zijn land had moeten achterlaten, ontdekte hij dat er een instrument bestond dat ook in Irak bespeeld werd en er ooit een hoge bloei kende: de ‘Arabische harp’ of qanun. Osama had zijn roeping gevonden. Bij gebrek aan leermeesters, leerde hij zichzelf maar spelen. En hij werd een meester op het instrument. Osama ontwikkelde zich trouwens ook tot een boeiend grafisch en beeldend kunstenaar, zoals we tijdens een Gentse tentoonstelling een paar jaar geleden konden vaststellen.

Je bent wel behoorlijk uniek als je qanun speelt. Er zijn vele schrijfwijzen kanun, ganoun, kanoon enzovoort. In Arabisch en Perzisch qānūn. De Grieken maakten er kanonàki van. Die vele namen zijn snel verklaard: het instrument kende immers voorheen een grote verspreiding. Het werd en wordt bespeeld in Centraal Azië en het Midden-Oosten en in de elfde eeuw bereikte het Zuid Oostelijk Europa. Er moeten nog altijd grootmeesters bestaan, maar ze zijn alvast niet erg bekend. Ook Osama kon ons hierover niet veel informatie verschaffen. Net als wij kent Osama de Griek Kostas Vómvolos (Thessalonίki) als virtuoos op de kanonàki. Kostas is concertmeester bij Savina Yannàtou’s gereputeerde Spring in Salonica. De qanun is een snaarinstrument, een citer met trapezoïde vorm, liggend op de schoot bespeeld. Men bespeelt de 26 snaren in drievoud (dus in totaal 78, maar de qanun van Osama heeft er 81) met de vingernagels en met aan elke hand één plectrum van schildpad (al speelt Osama met metalen plectra) De klank is helder en hoog en doet denken aan de harp, de citer (zither), de Griekse santouri, de Hongaarse cimbalom of nog, de Japanse koto. Het ook visueel prachtige instrument klinkt fraai, zowel solo als in de begeleiding.

Abdulrasol belandde in België, waar hij het multiculturele klimaat en de muzikale diversiteit vond die hem toestond zich te ontwikkelen niet alleen als muzikant maar ook als componist. Zijn grote vaardigheid en het unieke van de qanun maakten hem al snel bekend in kringen van musici die hem op zijn zoektocht konden vergezellen. Die vond hij niet alleen hier, maar tot ver buiten onze grenzen. Zo speelde hij onder anderen bij Goran Bregovic. Ook muzikaal waren er geen grenzen. Je vond hem even goed bij Dirk Brossé als bij de intussen wereldvermaarde choreograaf Sidi Larbi Cherkaoui. Wij zagen hem voor het eerst bij Olla Vogala en in 2008 met Tri a Tolia, trio met cellist Lode Vercampt en zangeres Melike Tarhan. Composities en arrangementen maakten ze samen. Enkele maanden geleden was dan Trio Lami te gast in Arscene (Hansbeke) Melike heeft intussen andere projecten: ze heeft onder de groepsnaam Tarhan een fijne cd uit, ‘Juicy Little Bramble’ bij Home Records. In Trio Lami staat de klassiek geschoolde, maar erg veelzijdige sopraan Helena Schoeters Osama en Lode bij.

In Arscene bracht Trio Lami voor een groot deel de composities van Abdulrasol en een aantal daarvan zouden we terugvinden op zijn komende cd. Nu is er ‘Jedid’ en inderdaad, sommige stukken zijn ons bijgebleven. Daaronder ‘Gypsy In Bagdad’. U kan het verslag lezen hier in Rootstime. De Iraakse Belg is niet over één nacht ijs gegaan: voor het Osama Abdulrasol Quintet trok hij nog twee toptalenten aan: accordeonist Philippe Thuriot, die in veel verschillende genres actief is, waaronder ook jazz en klassiek, en Franse slagwerker François Taillefer, die grote ervaring heeft met allerlei vormen van percussie, incluis de oosterse. Je kan op basis van die namen niet anders spreken dan van een supergroep (als die term tenminste niet zo beladen was) Zeker weet je het op voorhand nooit, maar als zo’n sterke individualiteiten mekaar vinden dan bestaat de kans dat uit de symbiose vaak iets uitzonderlijk ontstaat, groter dan de som van de delen. Noem zoiets gerust het ‘Traveling Wilburys‘-effect. Osama had alvast groot vertrouwen in zijn project, toen we hem zagen met Trio Lami. Enkele maanden later moeten we het toegeven: ‘Jedid’ beantwoordt aan deze steile verwachtingen, en klimt er, wat ons betreft, nog een stuk bovenuit.

De composities van Abdulrasol overtuigen van bij de eerste beluistering. Dat de qanun en het accordeon voor hoogstandjes zorgen, is geen verrassing, maar de manier waarop Lode zijn cello te lijf gaat vindt enkel zijns gelijke in de soms waanzinnige ritmes van Taillefer. Maar het kan ook uiterst fijnbesnaard en gevoelig. Het eerste nummer, liefdeslied ‘Ghazel’ is hoofs en statig met Helena Schoeters meteen in een glansrol, maar meteen daarop ontbinden de vier muzikanten hun duivels in het al vermelde instrumentale ‘Gypsy In Bagdad’. We krijgen verderop nog vuurwerk, met name in het exuberante ‘El Burjain (2 Towers Dance)’ (luistert u hier eens goed naar die cello!), maar er zit veel afwisseling in het aanbod: nummer drie ’78 Sky’ is een heuse suite die meedeint met de erg wisselende emoties die het (uiteraard in Spaans geschreven) gedicht van Chileense Nobelprijswinnaar Pablo Neruda oproept. Helena Schoeters levert hier geen kleine prestatie want zij golft in een mix van klassiek en traditioneel mee met de muziek zodat haar stem ten slotte een vijfde instrument wordt in het geheel. Dat ze op ‘Jedid’ in verschillende talen zingt, is een opvallende gelijkenis met Savina Yannàtou. Vooral in dit stuk is er ook een parallel te trekken met Primavera en Salonico.

Het kan ook zeer ingetogen zoals in de intro van ‘Heloune (Prelude)’ met een gestreken cello en een dromerige accordeon. De cello neemt hier gaandeweg een hoge vlucht om rustig te landen in een filmisch landschap. ‘Camel Walk’ lijkt wel een vervolg hierop, met Helena die Arabische poëzie zingt, terwijl Thuriot de fijnste patroontjes weeft, erg contemplatief en fraai. De qanun speelt in deze twee stukken niet mee, maar ze komt weer aan de oppervlakte in het eens te meer naadloos aansluitende ‘Lucidity’. Men kan zowaar van een Arabische trilogie spreken, zo elegant gaan de drie in mekaar over. Het voorlaatste nummer ‘Habibu’ heeft ons hart gestolen vanaf de eerste beluistering: een zielsmooie melodie die gaandeweg meer volume krijgt, maar even beminnelijk blijft klinken. Halverwege neemt de qanun het commando over en krijgt het lied iets meer vaart, met daarboven de vocalises van Schoeters en de hoge noten van Thuriot. De qanun sluit deze heerlijke brok pure schoonheid af.

Slotakkoord ‘Mezaj’ zet Osama’s instrument nog eens in het zonnetje. Abdulrasol solo laat ons kennismaken met de mogelijkheden van de wonderlijke qanun, maar zonder ongepaste bravoure, want de focus blijft gedisciplineerd op de eens te maar fijne compositie. ‘Jedid’ eindigt in een fade out, een uitnodiging om de cd opnieuw te starten. Het is vroeg om dat nu al te beweren, maar we hebben het sterke gevoel dat het Osama Abdulrasol Quintet hier meer dan een visitekaartje heeft afgeleverd. Het woord ‘meesterwerk’ komt ons voor de geest. Maar dat zal de tijd wel uitwijzen. Op dit ogenblik is het vooral ongebreideld genieten van de knappe composities geserveerd door vijf briljante musici.

 

Antoine Légat

P.S. Op vrijdag 30 september gaat het officiële releaseconcert van ‘Jedid’ door in De Roma in Borgerhout. Zie verder http://www.deroma.be/Praktisch/Ticketinfo.aspx .

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

DUO MONTANARO/CAVEZ in Arscene te Hansbeke op zaterdag 10 september 2016: ‘Sophie Cavez & Baltazar Montanaro stralen magie uit met hun sprankelende muzikale interactie, maar ook met hun enthousiasme en passie, hun aanstekelijke goed humeur’

zie zowel Rootstime als Folkroddels

Voor het overgrote deel van de folkfans trappen we vermoedelijk open deuren in als we stellen dat Sophie Cavez en Baltazar Montanaro een erg mooie samenwerking hebben lopen met wat ze voortaan het Duo Montanaro/Cavez noemen, al grapte Montanaro aan het begin van het Hansbeekse concert dat we ons konden verwachten aan een optreden van het ‘Duo Sophie’, mogelijk omdat de band op flyers was aangekondigd als Duo Baltazar. Zowel op geluidsdrager (‘Sophie Cavez & Baltazar Montanaro’ uit 2010 en ‘Escales’ uit 2012) als op de podia hebben ze ons gewoon gemaakt aan hun verfijnde en fraai uitgewerkte potion magique van muziekvormen die je zou kunnen bestempelen als ‘folky kamermuziek’ (we claimen geen originaliteit in deze) De tovertroeven van het duo zijn legio.

Waalse Sophie is volledig autodidact op het diatonisch accordeon, een fonkelende Castagnari: wat ze kan, heeft ze verworven door veel te spelen, o.a. met haar eigen trio KV Express. We leerde haar lang geleden kennen bij het kwartet Dazibao, maar ze speelde onder veel meer (in elk geval veel te veel om op te sommen) ook bij Urban Trad en het ‘quattuor à boutonsKnopf Quartet. Ze is vaak ook een graag geziene gastmuzikante (zo speelt ze wanneer mogelijk… elektrische bas bij Le Grand Bateau, Frans chanson, van toetsenman Yves Meerschaert), schoolprogramma’s zijn haar niet vreemd en ze is op de koop toe lesgeefster. Het feit dat ze zelf geen formele les volgde, draagt bij tot een heel eigen, onbevangen benadering, in een poëtisch en vrijgevochten duo onmiskenbaar een voordeel. In Gent heeft ze een optrekje en het is daar dat ze Baltazar tegen het lijf liep. Na een concert vroeg hij haar of ze eens samen wilden spelen. ‘Il avait une bonne tête’ vond Sophie en van het een kwam het ander. Eén sessie bij Sophie thuis en het duo was geboren.

Fransman Baltazar Montanaro van zijn kant heeft – beslist belangwekkend om de man artistiek te begrijpen – Occitaanse wortels (Occitanië is in feite het hele zuiden van Frankrijk, onder de lijn Bordeaux-Clermont Ferrand-Briançon, waar ooit de Langue d’Oc werd gesproken en nu het Occitaans; hij komt meerbepaald uit een klein dorpje in de Vars) via zijn (beroemde) vader. Aan moederszijde vallen de Hongaarse roots op, wat zijn vioolstijl uitdrukkelijk heeft beïnvloed, maar niet bepaald. Integendeel: de man zet zijn ongelofelijk technische kunnen (denk zigeuner) in om de wereld van de viool te verkennen: geen stijl of invalshoek, of Baltazar heeft die verkend en ‘geapprivoiseerd’! Schalks, speels en spontaan gaat hij ook zijn publiek te lijf. Ervaring heeft hij te koop: we zouden de diverse formaties waar hij in bijdroeg niet te eten willen geven. ZEF, Habakuk, The Red Rum Orchestra en Dans les Cordes horen bij de meer bekende. Er kwamen ook soloconcerten met geïmproviseerde muziek. Ondanks zijn drukke activiteiten vindt Baltazar nog de tijd om gedichten te schrijven en hij tekende ook twee uitgegeven strips. In hem vinden kunnen schelmse humor en poëtische vlucht het goed met elkaar vinden.

In duo valt de gretigheid op, de intense ‘goesting’ om samen te musiceren, dan wel in volledige vrijheid in de benadering, wat mogelijk is omdat ze allebei kunnen terugvallen op hun schier onbeperkte background. Live is er dan ook ruim plaats voor de inspiratie van het moment, de improvisatie, iets wat ze ook in de studio tot uitdrukking wilden brengen. Dat hoor je op hun langverwachte derde plaat, toepasselijk ‘Le 3eme temps’ geheten (2015) Het is het repertoire van die cd die het hart vormde van hun concert in Arscene, voor deze zowel hoofse als dartele muziek een ideale omgeving. De luisteraar zit als het ware op schoot bij de muzikanten en je kan in deze prima akoestische omstandigheden elke nuance horen en savoureren.

Het heeft niet veel zin gedetailleerd in te gaan op de setlist en de uitvoering: volgende maal zijn die weer heel anders! Vroeg in de set kregen we het elegante ‘Gaspacho’, geschreven, zo zegt Montanaro stout, ‘voor een jongeman waar Sophie verliefd op was’ in zijn eigen charmante en ontwapenende versie van het Nederlands. Schitterende melodieën die hun inspiratie vinden in Transsylvanië en Estland (een al bij al behoorlijk vrolijk begrafenislied) volgen, alsook een verrassend funky stuk gepend voor de trouw van een vriendin. Het is al het achtste nummer als Baltazar de intrigerende ‘grote viool’ van het tafeltje neemt voor een lied van Bretoense accordeonist Yannick Martin. Nee, het is geen altviool, maar een vijfsnarige baritonviool. Ze dwingt respect af want ‘Er zijn er maar elf in de hele wereld’, zegt Baltazar. Nog op deze uit de kluiten gewassen viool volgt ‘Kaks Kirikut’, een verwijzing naar een eilandje in de Baltische Zee ‘met vijftig mensen…en twee kerken’. Is de muziek geheel instrumentaal, dan zijn de commentaren om duimen en vingers af te likken.

Ook na de pauze komen er nog twee liederen met die prachtige bariton: een stuk uit Macedonië met typerend een melancholische intro en een uitgelaten slot. Een nummer uit Quebec (Québec voor hen) voert naar ‘een Bretoens lied…maar het klinkt Macedonisch’. Een ragfijne wals op de viool is aanleiding voor een Hongaarse suite. Het blijft allemaal even mooi, bezield, charmant en inpalmend. Onze bewondering voor deze twee raspaarden blijft groeien… Een uitgebreid dankwoord aan Arscene geeft aan dat we het (ongewilde!) einde naderen (we zijn intussen écht curieus wat er zo fantastisch is aan het eten van de vrouw des huizes, want concert na concert putten de artiesten zich uit in lof voor het magische voedsel dat ze voorgeschoteld krijgen! Daar moeten we in het kader van onderzoeksjournalistiek toch eens het fijne van vernemen…) De ‘Polska de Bonnes’ is een fijn slotakkoord, dat alles nog eens samenvat wat de twee te bieden hebben. In de bissen hanteert Baltazar de viool als percussie, nadat hij er eerder op speelde als op een gitaar: ’s mans repertoire lijkt onuitputtelijk.

We beseffen maar al te goed dat onze magere commentaren bitter weinig van de magie weergeven die Sophie Cavez & Baltazar Montanaro uitstralen met hun sprankelende muzikale interactie, maar ook met hun enthousiasme en passie, hun aanstekelijke goed humeur en levendigheid. Dit is dan ook een warme oproep om Duo Montanaro/Cavez te gaan bekijken en beluisteren: duo’s als het hunne lopen niet dik.

 

Antoine Légat.

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

Commentaren bij ‘LEAF’

LEAF. 1/ The Leaves (THE CRAVING DEER, cd EYE-Shaped Spots) 2/ Falling Slowly (Glen HANSARD and Markéta IRGLOVA, cd The Swell Season) 3/ Edge Of Desire (John MAYER, cd Battle Studies) 4/ With Or Without You (U2, cd The Joshua Tree) 5/ Saving Grace (EVERLAST, cd Love, War And The Ghost Of Whitey Ford) 6/ Secret Garden (Bruce SPRINGSTEEN, EP Blood Brothers) 7/ If It’s Magic (Stevie WONDER, cd Songs In The Key Of Life, cd 2) 8/ The Real Thing (Bruno DENECKERE, cd Down The Road) 9/ Are You Alright? (Lucinda WILLIAMS, cd West) 10/ Silhouette (MODDI, cd Set The House On Fire) 11/ I Have Loved You Wrong (THE SWELL SEASON, cd Strict Joy) 12/ Say Something (I’m Giving Up On You) (GREAT BIG WORLD, cd Is There Anybody Out There?) 13/ Love Ends (Tutu PUOANE, cd Breathe) 14/ The Letter (Nathalie MERCHANT, cd Paradise Is There) 15/ I Just Go (Boz SCAGGS, cd Dig) 16/ I’m Set Free (Brian ENO, cd The Ship; comp. Lou REED for VELVET UNDERGROUND) 17/ (CODA) Who Knows Where The Time Goes (Sandy DENNY, cd ‘Gold Dust’ – Live at the Royalty – Sunday 27th November 1977) (AL; 20 08 16) – ‘LEAF’ (‘Lief’, jawel!) is de geschiedenis in tekst en muziek van de rollercoaster van emoties tijdens een ten slotte misgelopen love story. Het is grotendeels autobio uit, laten we zeggen, een grijs verleden, maar in de slotbeweging zit gelukkig heel wat dichterlijke vrijheid! De muziek is niet gekozen op basis van de intrinsieke kwaliteiten ervan, maar wel op grond van de relevantie van de lyrics voor het verhaal… en was in sommige gevallen zelfs deel van het verhaal zelf… Dat onderscheid houden we voor ons. Geen zorgen: alle betrokkenen stellen het wel!

%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%

The Leaves’: ‘Call it springtime in my head / But the winter is not dead / Hope you don’t mind at all / I try to catch the leaves while they fall…

Falling Slowly’: ‘You have suffered enough  / And warred with yourself / It’s time that you won’ – ‘WE STILL GOT TIME’

Edge Of Desire’: ‘…’Cause I’m just about to set fire to everything I see / I want you so bad I’ll go back on the things I believe / There I just said it, I’m scared you’ll forget about me

With Or Without You’: ‘My hands are tied / My body bruised, she’s got me with / Nothing to win and nothing left to lose

Saving Grace’: ‘(Am I) gainin’ ground / (Am I) losin’ face / (Have I) lost and found my saving grace / Thankful for the gift the angels gave me

Secret Garden’: ‘She’s got a secret garden / Where everything you want / Where everything you need / Will always stay / A million miles away

If It’s Magic’: ‘If it’s special / Then with it why aren’t we as careful / As making sure we dress in style / Posing pictures with a smile / Keeping danger from a child

The Real Thing’: ‘IF YOU WANT THE REAL THING, DON’T SETTLE FOR LESS

Are You Alright?’: ‘Are you sleeping through the night? / Do you have someone to hold you tight? / Do you have someone to hang out with? / Do you have someone to hug and kiss you / Hug and kiss you, hug and kiss you? / Are you alright?

Silhouette’: ‘…And then came the waves on our boats / The loudest laughter no one knows / A helpless child you are on your own / Can you feel how it breaks on your bones…’

I Have Loved You Wrong’: ‘But you’ve been every now and then on my mind (yeah) / On my mind…on my mind… on my mind…

Say Something’: ‘I’ll be the One if you want me to / Anywhere I would’ve followed you…’

Love Ends’: ‘I never thought our love would end / How do I begin to pick up the pieces? / How do I begin to carry on?

The Letter’: ‘But if I ever write this letter, all the truth it would reveal. / Knowing you brought me pleasure, how I’ll often treasure moments we knew, / The precious and the few

I Just Go’: ‘I need you to know / How I long to do all that you want me to / I’d go anywhere at all any time you call / To comfort you / And I take every word or your advice / I’d make any kind of sacrifice to let you know / But there’s this other voice calling me sometimes / And I just go…’

I’m Set Free’: ‘I’m set free to find a new illusion

CODA – ‘Who Knows Where The Time Goes’: ‘But I will still be here, I have no thought of leaving / I do not count the time / For who knows where the time goes…’ – ‘And I am not alone while my love is near me / I know it will be so until it’s time to go

%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%%

Blindelings

————–

 

Zo dicht bij de eeuwigheid gekomen,

herkende ik jou van verre, blindelings.

 

Ik zag het in jouw ogen,

hoorde het in je volmaakte stem,

ik zag vleugels

in de vlucht

van je spreken

en je zwijgen

Al wist ik het toen nog niet,

ik was er zeker van:

jij zou het mooiste lief zijn dat ik

nooit

gehad heb.

 

Je bent wég, nu,

oneindig ver,

al ben je nog zo dichtbij.

Je bent te ver

om ooit nog weer te komen.
Je zwijgt,

wat je zo oorverdovend kan.

Ik vermoed schuldgevoel

of duister gewoel

in je al te vaak uiteengereten ziel.

 

Niet doen:

ik ben je alleen maar dankbaar,

alleen maar nederig en fier

dat ik jou heb mogen kennen.

 

Maar ik had het fijn gevonden

als ik wist dat je dat ook weet.

En als je wist dat ik er voor jou altijd zou zijn

als je dat gewild had,

als je wist dat ik hier voor je blijf,

tot de eeuwigheid me nodig heeft.

 

Daar geloof ik in.

Blindelings.

 

 

(Antoine Légat)

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

Commentaren bij ‘FREE (new version)’

FREE (new version). 1/ Fool To Your Crown (Sivert HØYEM, cd Lioness) 2/ Mighty River (MISSISSIPPI BIGFOOT, cd Population Unknown) 3/ Diamond Days (LONELY THE BRAVE, cd Things Will Matter) 4/ Hear Me (TEDESCHI TRUCKS BAND, cd Let Me Get By) 5/ Woman’s Company (Ben WATT, cd Dream Fever) 6/ All Alone With Something To Say (Bonnie RAITT, cd Dig In Deep) 7/ Listening To Singing (Iris DeMENT, The Trackless Woods) 8/ 56 7th Street (ERIKSSON DELCROIX, cd Heart Out Of The Mind) 9/ The River Of Hades (Sivert HØYEM) 10/ Horizons (THE STAVES, cd If I Was) 11/ Pirate Dial (M. WARD, cd More Rain) 12/ Faces Of My Friends (Ben WATT) 13/ Broad Gold (Iris DeMENT) 14/ Song Of Silence (ERIKSSON DELCROIX) 15/ Silences (Sivert HØYEM) 16/ If You Need Somebody (Bonnie RAITT) 17/ Don’t Know What It Means (TEDESCHI TRUCKS BAND) 18/ One Hundred Regrets Avenue (Daniel ROMANO, cd Mosey) 19/ I’m Set Free (Brian ENO, cd The Ship) (AL; composition: 10 09 16 after midnight) – ‘FREE (new version)’ is precies dat: een herziene uitvoering van ‘FREE’. Toen die eind juni niet zonder vallen en opstaan tot stand was gekomen, kwamen we al snel tot de bevinding dat die compilatie niet helemaal ‘werkte’ zoals het hoorde… te disparate songs, te grote verscheidenheid? Wie zal het zeggen? Een volgster van deze verzamelingen alleszins… ‘This sucks’ was de gortdroge vaststelling… Tja, dan hielden we deze beter in tot we een oplossing vonden. Die liet even op zich wachten, maar zo’n dingen moeten rijpen (zoals zovele dingen) We hebben ten slotte voor een grondige ‘sanering’ geopteerd: een aantal songs eruit, een negental. Tien songs bleven, maar we hebben ten dele gesleuteld aan de volgorde. Dat betekent wel dat de commentaren van ‘FREE’ op deze blog nog grotendeels gelden voor die van ‘FREE (new version)’ Vermits we voor de rest vooral kozen voor werk van artiesten die al op andere florilegia stonden (uiteraard met andere songs!), verwijzen we, lest we forget, naar ‘SONG(S)’, ‘ECHO’, ‘STAR’ en ‘WINGS II’. En verder vindt u vanzelfsprekend genoeg info over deze mensen op het net. Twee artiesten komen ‘van elders’: The Staves hadden we verleden jaar al uitgebreid aan bod laten komen. We vonden gewoon dat ze meer aandacht verdienen. De tweede cd van Eriksson Delcroix kennen we al een hele poos, maar om allerlei redenen kwam het er niet van… Nu dus wel! Of het eindresultaat nu wel naar behoren is, of we kunnen spreken van ‘FREE (fresh start)’… Daar moet de luisteraar zich maar over uitspreken. ‘This sucks’ hebben we al eens gehad! (AL; comments: 12 09 16)

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

Commentaren bij ‘WINGS I: Magic Carpet Ride’ en ‘WINGS II: Nightshift’

WINGS I: Magic Carpet Ride. 1/ Anywhere You Want To Go (SANTANA, cd Santana IV) 2/ Internal Exile (WIRE, cd Nocturnal Koreans) 3/ Bahia (ASSUNTA & THE LIGHT ORCHESTRA, single, 2014) 4/ The Riverbank (Paul SIMON, cd Stranger To Stranger) 5/ You Bring The Summer (THE MONKEES, cd Good Times!) 6/ Delirium (CASE / lang / VEIRS, cd Case/lang/Veirs) 7/ Berlin Got Blurry (PARQUET COURTS, cd Human Performance) 8/ No Angel (KATY TOO, cd Nine Lives) 9/ Persian Love (Holger CZUKAY, cd Movie! (reissue)) 10/ Lonely King (TARHAN, cd Juicy Little Bramble) 11/ In A Parade (Paul SIMON) 12/ I Was There (And I’m Told I Had A Good Time) (THE MONKEES) 13/ I Want To Be Here (CASE / lang / VEIRS) 14/ Darlin’ Tell Me Now (KATY TOO) 15/ I Need Never Get Old (Nathaniel RATELIFF & THE NIGHT SWEATS, cd Nathaniel Rateliff & The Night Sweats) 16/ Freedom In Your Mind (SANTANA) 17/ Wristband (Paul SIMON) 18/ Still (WIRE) 19/ Our Own World (THE MONKEES) 20/ Steady On My Mind (PARQUET COURTS) 21/ Bricks And Sirens (KATY TOO) 22/ Blue Fires (CASE / lang / VEIRS) (26 08 16) – WINGS II: Nightflight. 1/ The Breeze / My Baby Cries (Bill CALLAHAN op O.S.T. ‘Youth (La Giovinezza)’, un film di Paolo SORRENTINO; 2015) 2/ Present Tense (RADIOHEAD, cd A Moon Shaped Pool) 3/ Myself At Last (Graham NASH, cd This Path Tonight) 4/ Trapped (Yael NAIM, cd Older) 5/ My Rock Is Crumbling (Daniel NORGREN, cd The Green Stone) 6/ Uma (YEASAYER, cd Amen And Goodbye) 7/ Not With Deserters (Iris DeMENT, cd The Trackless Woods (All Text By Anna AKHMATOVA)) 8/ You Don’t Know How Lucky You Are (Keaton HENSON, cd Dear; 2012) 9/ Black Wings (TARHAN, cd Juicy Little Bramble) 10/ Stormbirds (Dan BARBANEL, cd Little Black Book) 11/ Coward (Yael NAIM) 12/ Daydreaming (RADIOHEAD) 13/ Beyond Words (Daniel NORGREN) 14/ All Is Sold (Iris DeMENT) 15/ Encore (Graham NASH) 16/ Ceiling Gazing (Jimmy LaVALLE & Mark KOZELEK, cd Perils From The Sea; 2013) (29 08 16)

Het ontstaan van ‘WING(S)’ (we schrijven wel ‘WINGS’) geeft de wakkere lezer een blik op onze interne keuken, waar tot spijt van velen geen alchemie aan te pas komt. Het is des te meer een geval van één procent inspiratie, negen procent transpiratie en negentig procent mazzel (maar niet altijd tov) ‘WING(S)’… De naam is eens te meer een vierletterwoord dat in het meervoud een letter meer krijgt… Denk aan ‘SONG(S)’, eerder dit jaar. We dachten voor die titel aan ‘Black Wings’ van Tarhan… en eigenlijk ook aan ‘Persian Love’ van Holger Czukay… het vliegend tapijt, weetuwel… al heeft dat doorgaans geen vluegels… ‘WING(S)’ werd al snel een tweeluik, al bleef het lang een dubbeltje op zijn kant hoe dat dubbele geval er zou uitzien. Het eerste volume was een calvarietocht van eindeloos schikken en herschikken…en weer nieuw materiaal onder de loep nemen. Het vraagt zelden of nooit zo veel werk… De samenstelling van het tweede volume, na een lange incubatie maar een bliksemsnelle formatie (zo gaat het dus meestal!), maakte duidelijk dat ook het eerste volume stilaan goed zat, vooral door de overheveling van nummers van één naar twee. Er moesten wat andere songs bij op één, en kees was weer eens helemaal klaar. Voorwaar een vreemd scheppingsverhaal! Eens die vorm uitgekristalliseerd was… dienden zich plots nieuwe songs aan voor twee, t.t.z. andere songs maar van dezelfde artiesten en platen. Daar hebben we een paar keer met bloedend hart knopen moeten doorhakken: tachtig minuten (eigenlijk 79’57’’) is onoverkomelijk de limiet. Ja, zo gaat dat in Huize Interne Keuken: geen twee samenstellingen verlopen helemaal op dezelfde manier!

Volume I van ‘WING(S)’, ‘Magic Carpet Ride’, grijpt naar nieuw werk van oude goden terug… Toeval? The Monkees zetten met één man minder (Davy Jones stierf in 2012) hun unfinished business verder die nu precies vijftig jaar geleden begon. Er is goed over nagedacht (dat kan u elders wel vinden), maar het blijft wetens en willens lichte(re) kost. Het waren toen dan ook (snot)apen, hé! Indrukwekkender is de comeback van Santana in zijn originele vorm. Inderdaad, Carlos Santana heeft rond zich opnieuw de basisploeg vergaard die de eerste drie groepsplaten maakte (Greg Rollie, Michael Schrieve, Neal Schon, Mike Carabello, zeg maar het team van het legendarische Woodstock Festival van 1969!) Dit klinkt alsof er gewoon géén 45 jaar tussen ‘III’ en ‘IV’ liggen! Wire, de punkrockband die steeds meer met experiment experimenteerde, is ook al een veteraan (‘Pink Flag’ dateert van 1977), maar met lange tussenpozen bestond de groep niet en stortten de groepsleden zich op andere muziekprojecten, frontman Colin Newman nog het meest opvallend. Sinds een dik decennium brengen ze op gezette tijden nieuw werk uit. Sinds ‘Send’ (2003) brengen we daar steevast een of twee nummers van. De ouwe sok van deze ‘WING(S)’ is wel degelijk Holger Czukay (eigenlijk Holger Schüring), bekend van de oerdegelijke Krautrockformatie Can en van zijn samenwerking met Brian Eno (eigenlijk Brian Peter George St. John le Baptiste de la Salle Eno, I kid you not! Zijn ma is overigens een Belgische) en later met David Sylvian, Peter Gabriel en Annie Lennox. Geen pannenkoek dus, die Czukay. We kochten  toen in 1979, zijn eerste soloplaat ‘Movies’, louter op basis van zijn Can-reputatie. Goeie plaat, maar één track stak erbovenuit: ‘Persian Love’, drijvend op korte golf opnames van imams in volle actie (met dit vroege voorbeeld van samplen effende hij het pad voor Brian Eno en duizenden na hem!) Aan het bestaan ervan werd ik enkele maanden geleden per toeval (per Facebook, eigenlijk) herinnerd… Komt ‘Movies’ nu toch wel opnieuw uit, zeker! (Het is overigens niet de eerste keer: er was al een zelfde ‘expanded’ versie in 2007) De titel ervan werd wel gewijzigd en ze gaat nu als ‘Movie!’ door het digitale leven. Nu weet u meteen waarom we ‘WING(S) I’ de ondertitel ‘Magic Carpet Ride’ meegaven!

Paul Simon behoeft geen krans: zijn ‘Stranger To Stranger’ bevat weer genoeg fraaie songs, waar meer in schuilt dan je op het eerste oor denkt. In ‘Wristband’ horen we zelfs een behoorlijk ontdane, ja zelfs verbolgen Simon: welkom in de 21e eeuw, Paul! Verder vindt u een single van Assunta Mano, die ze samen met huisband en gitarist Pieter Thys (die speelt helemaal alleen voor Light Orchestra) ‘Bahia’ dateert van 2014. Omdat het nummer enkel als single uitkwam, zetten we hem niet op een compil, maar nu is er al een hele poos tussen, zodat het geen ‘kwaad’ meer kan. Schitterende song als u ’t ons vraagt… Katy Too is ook voor ons een complete verrassing, en een best aangename. Er schuilt singer-songwriter Leen De Haes achter het project die naar verluidt in 2012 al hoge ogen gooide met ‘Quest For Honey’, in een productie van de op deze compils vaak geciteerde Anton Walgrave. ‘Nine Lives’ is ongetwijfeld één van de beste inlandse platen van het 2016. Helemaal geen verrassing is de supergroep bestaande uit Neko Case, k d lang en Laura Veirs. Hun samenwerking is er niet minder boeiend om: drie buiten de doos denkende songschrijfsters die nog eens fraai kunnen zingen ook! New Yorkse punkrockers Parquet Courts vormen een band à la mode, rootsrocker Nathaniel Rateliff is dat verrassend genoeg ook, à la mode, maar dat is allicht naar het voorbeeld van Alabama Shakes. De clip van ‘I Need Never Get Old’ is de moeite! De New-Yorkse experimentele rock-en-veel-meer-band Yeasayer (zelf noemen ze het ‘new weird America of psych folk’, hum) verkaste naar volume II, al hebben die nog genoeg moois in huis voor een eventuele volgende. Melike Tarhan, Belgische met roots in Emirdag, Turkije, tapt na haar vorige oriëntale (cross-over) cd’s uit een ander vaatje. ‘Little Juicy Bramble’ klinkt behoorlijk rock maar het oriëntale is (gelukkig) niet weg. We merken nu dat we de titelsong vergeten zijn… Next time?

Het concept van volume II, ‘Nightflight’ is circulair: ze begint en eindigt met een bijzonder rustgevende, haast repetitieve track, product van gelijkgestemde zielen: Bill Callahan en Mark Kozelek, die ook opereert met zijn ‘groep’ Sun Kil Moon (voortzetting van de in de jaren negentig trendsettende Red House Painters) Tenslotte bleef hij als enige groepslid over. Zowel als Sun Kil Moon als onder eigen naam maakt hij verder platen. Het heerlijke ‘Perils From The Sea’ werd zelfs ei zo na een Sun Kil Moonplaat. Zowel ‘The Breeze / My Baby Cries’ als ‘Ceiling Gazing’ kwamen terecht op de bijzonder verscheiden soundtrack van ‘Youth (La Giovinezza)’, waar ze een buitenbeentje vormen. Bill Callahan behoort tot de, excuus voor het overtrokken beeld, ‘Britse school’ waar ook Richard Hawley en Adrian Crowley bij aansluiten. Binnen het framework van opener en slotsong was het makkelijk aansluitend materiaal te kiezen: op Keaton Henson (behalve muzikant ook dichter en visueel artiest) na vonden we genoeg fraais in de recente releases. Dat Henson er met een song uit zijn vorige op staat, heeft te maken met het feit dat we al even op voorhand op de hoogte waren van de komende release van zijn nieuwe cd, maar dat we het immens prachtige ‘Alright’ pas mochten bezigen na het uitbrengen van de cd. Dan is het maar voor een volgende compilatie. Die vorige van Henson, ‘Dear’, stond al vol pareltjes: u krijgt er slechts één hier. Met name Daniel Norgren, Dan Barbanel (Schot die in het Luikse woont en als Mr. Diagonal opgeld maakte) en Iris DeMent (met een collectie getoonzette gedichten van Russische dichteres Anna Akhmatova, 1889-1966) maakten ons het kiezen echt wel moeilijk. Ze is de moeite van het uitpluizen waard, deze ‘The Trackless Woods’ van Iris DeMent. Akhmatova vertikte het te wijken voor de stalinistische terreur. Veel van haar werk werd dan ook vernietigd, maar wat overbleef getuigt van moed, inzicht en taalvaardigheid. In haar sombere leefomgeving wist ze zich geestelijk meer dan staande te houden… Straf dat het een Amerikaanse (alt.)country artieste is die haar werk in het licht zet: er is geen grotere tegenstelling mogelijk… De alternatieven voor de gekozen songs van Henson, Norgren, Barbanel en DeMent zijn gewoon evenwaardig…

En we moesten ook songs van andere artiesten laten vallen. Onder die afvallers bevond zich ‘An Eala Bhàn (The White Swan)’, melodie die we hoorden op de herdenking van honderd jaar ‘slag aan de Somme’, eerder dit jaar. ‘The White Swan’ is een Schots liefdeslied in Gaelic, gecomponeerd tijdens de slag zelf! Het werd één der populairste Schotse songs uit de 20e eeuw. Het was Julie Fowlis die het zong op vrijdag 1 juli, tijdens de echt wel pakkende herdenking, daar aan het Commonwealth War Graves Commission’s Thiepval Memorial in Noord-Frankrijk, in aanwezigheid van zeer hoge gasten. Fowlis is de geëigende engelachtige stem om zo’n ballade tot haar recht te laten komen. Het lied raakt door de Keltische muziek, de inhoud en de achtergrond van het krijgsgewoel. U kan het vinden op ‘Dual’, met gelijk(w)aardig werk, plaat die ze maakte samen met Éamon Doorley en Muireann Nic Amhlaoibh (beiden van de bekende Ierse trad band Danú) en Ross Martin. Als we ooit een ‘oorlogscollectie’ samenstellen, dan staat die er zeker op. Er zullen zeker een aantal exemplaren van ‘WINGS II’ het nummer hebben, daar zorgen we voor… Nog een ‘speciaal geval’ is de Parijs-Israëlische singer-songwriter Yael Naim (ook Yael Naïm), bekend van het bekoorlijke nummer ‘New Soul’ (uit 2007): op haar derde cd ‘Older’ trekt ze de registers geregeld open, zoals het geweldige, bijna operatische ‘Coward’ zo briljant aantoont. Conclusie? ‘Nightshift’ is, zoals de titel toch al laat doorschemeren, eerder een laatavondplaat, te consumeren bij een lekker drankje, liefst bij een knetterend haardvuur en het lief binnen handbereik, alle goeie dingen bijeen.

Nightflight’ werd zo ongeveer wat we er zelf van mochten verhopen (dan is er toch één persoon content, en niet zomaar om het even wie!) (knipoog) ‘Magic Carpet Ride’ ligt iets moeilijker. Ze is verscheiden, erg zelfs. Dat hangt nu eenmaal af van het aanbod van dat moment. Deze collecties hebben als eerste functie te berichten over wat er nieuw is en als het geheel toevallig ook beklijft, dan is dat meegenomen, maar er is in deze geen enkele garantie. We doen ons best. Laat u gerust in vervoering brengen door deze gevleugelde muziekjes (ja, zeg, clichés hebben ook hun gevoelens, hé!) (30 08 16)

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen

Commentaren bij ‘SHOW’

SHOW (‘The Letter’ Version). 1/ Dresden (THE SLOW SHOW, cd White Water) 2/ Rescue Me (Amy HELM, cd Didn’t It Rain) 3/ What Part Of Me (LOW, cd Ones And Sixes) 4/ Belly Of The Whale (Guy GARVEY, cd Courting The Squall) 5/ Bring It On Home (Tom JONES, cd Long Lost Suitcase) 6/ Love And Rain (Jeff LYNNE’S ELO, cd Alone In The Universe) 7/ Everybody Wants (HALF MOON RUN, cd Sun Leads Me On) 8/ How He Entered (TINDERSTICKS, cd The Waiting Room) 9/ Gypsy In Me (Bonnie RAITT, cd Dig In Deep) 10/ Beckon (SUE THE NIGHT, cd Mosaic) 11/ Now I Know (THE ZOMBIES, cd Still Got That Hunger) 12/ Set The Rules (MARBLE SOUNDS, cd Tautou) 13/ Midnight Meet The Rain (DESTROYER, cd Poison Season) 14/ Ravel Ravel (ECHO BEATTY, cd Nonetheless) 15/ Brace For Impact (Live A Little) (Sturgill SIMPSON, cd A Sailor’s Guide To Earth) 16/ Winter Bones (THE RHYTHM JUNKS, cd It Takes A While) 17/ An Offering (Amanda PEARCY, cd An Offering) 18/ Howling Wolf (BIEZEN, cd The Birds Return) 19/ The Letter (Natalie MERCHANT, cd Paradise Is There) OR Estrella Goodbye (BIRDS OF CHICAGO, cd Real Midnight) – ‘SHOW’ is a selection out of what we put on our 2016 compilations with exclusively recent material, up until ‘STAR’. The songs of ‘SHOW’ (title explained!) come from the CD’s ‘BONE’, ‘TRUE’, ‘BELL’, ‘SONG(S)’ and ‘ECHO’. Nothing from ‘LOST’ as this is a collection out of the ordinary (with older and newer songs mixed) There is no overlapping whatsoever with the other compilation drawn from exactly the same CD’s (plus ‘STAR’ en ‘FREE’, that is), ‘BLUES & ROOTS 2016–I’, as this focuses on other kinds of music, except for the ‘Estrella’ version of the CD: ‘Estrella Goodbye’ is also on the blues sampler as # 19.

All further information can be found @ https://antoinelegat.wordpress.com. Please enjoy the ‘SHOW’! (AL; July 14th 2016)

 

Geplaatst in Geen categorie | Een reactie plaatsen