DRIES op de zolder van het Huis van Alijn in Gent op donderdag 25 oktober 2018

Staat ook op http://www.rootstime.be, sectie ‘LIVE’.

 

DRIES op de zolder van het Huis van Alijn in Gent op donderdag 25 oktober 2018: ‘…krachtige, zelfs indringende stem, duidelijke frasering, de emotie op de tip van de tong, dat alles met uitgewerkte gitaarbegeleiding. Het komt zeer direct over, maar er zit verdomd veel achter. De teksten houden steek, sleuren je meteen in het verhaal…’

 

Elke laatste donderdag van de maand (maar niet in de zomer) organiseren de Vrienden van het Huis van Alijn een gratis optreden op de zolder van het Huis van Alijn, dat een museum is van het dagelijkse leven in de 20e eeuw, gelegen aan de stemmige Kraanlei in het hartje van de Arteveldestad. Het Huis was ooit het ‘Kinderen van Alijn’-hospitaal, het enige nog bewaarde Gentse godshuis, een liefdadigheidsinstelling waar armen, zieken en ouderen verzorgd werden. De binnenkoer rond de oude huisjes leent zich tot grotere openluchtconcerten, die er dan ook elke dag doorgaan tijdens de Gentse Feesten, en soms daarbuiten. De zolderconcerten betreffen akoestische solo- of groepsconcerten.

Op donderdag 25 oktober kwam Dries Bongaerts, of gewoonweg Dries, over van Antwerpen, waar de singer-songwriter al een serieuze following bijeen speelde. Er waren trouwens een aantal van die fans meegekomen. We hebben Dries pas voor het eerst live bezig gezien in het jaarbegin toen hij de support speelde van bluesman Guy Davis in Het Gravenhof, nieuw cultureel centrum in Hoboken, ten zuiden van de metropool, aan de Schelde. Maar Dries’ reputatie was hem al voorafgegaan. We hadden dus grote verwachtingen, die de man trouwens moeiteloos inloste, reden genoeg voor ons om zijn eerste solo-cd ‘For The Light In Thy Heart’ aan te schaffen. Daar hebben we nog geen moment spijt van gekregen! Je mag gerust spreken van een megatalent, waar intussen al heel wat namen op geplakt werden, referenties die zelden goed ‘plakken’, maar wel aangeven dat Dries grote indruk maakt met stem en gitaar, en occasionele harp. En dan wil men maar al te graag en gretig kaderen.

We lazen lovend bedoelde referenties naar Nick Drake, Will Oldham en Ry Cooder, die we niet echt zien zitten, in het laatste geval zelfs echt niet. John Townes Van Zandt en de prille Bob Dylan hoor je inderdaad van tijd tot tijd, maar even vaak is het iets ondefinieerbaar anders. Laten we het ‘Dries’ noemen. Hoe dan ook, zo’n talent doemt zelden uit het niets op. De jongeman is inderdaad al even bezig. In 2007 was hij één van de twee oprichters, samen met gitarist David Hermans, van de Antwerpse rockband New Rising Sun, toen we Dries aan het werk zagen in Hoboken, al aan drie cd’s toe: ’Paradise for a Stranger’ (2010), ‘Good Morning Once Again‘ (2011) en ‘We’re All Coming Home’ (2015), platen die de goede recensies aaneenregen. Intussen is er een vierde langspeler van New Rising Sun bijgekomen, ‘Helenium’ (genoemd naar een desolaat huis aan onze kust, waar de voorbereiding van de plaat en de opnames plaatsgrepen) Ook daar zou Dries uit putten, al bestond het gros van de playlist uit eigen songs van vroeger, van nu en zelfs van later, met daartussenin, in verspreide slagorde, een aantal covers, die opvielen door hun verrassende aard en afkomst. De meeste acts spelen hier dan een uurtje, tussen negen en tien, want er vallen buren te respecteren, maar Dries ging tot ieders genoeg nog eventjes door, zodat we vergast werden op zeventien songs, twee bissen er bij gerekend.

I Came To Love Her’ en ‘Death Of Romance’ uit de laatste ‘For The Light In Thy Heart’ openen de set. Het zijn vrij complex geconstrueerde songs die meteen de live sterkte van Dries aantonen: krachtige, zelfs indringende stem, duidelijke frasering, de emotie op de tip van de tong, dat alles met uitgewerkte gitaarbegeleiding. Het komt zeer direct over, maar er zit verdomd veel achter. De teksten houden steek, sleuren je meteen in het verhaal, al zijn ook zij van aard om nadere ‘studie’ te vergen. We weten het iet maar net als bij een Dylan heb je altijd het gevoel: dit is echt gebeurd, autobio… al hoeft het dat helemaal niet te zijn, natuurlijk. Na die verschroeiende start een eerste cover, en wat voor één. Dries brengt ‘Blues Run The Game’, de openingszet van ‘Jackson C. Frank’, de eerste en enige plaat van Jackson C. Frank (1943-1999), plaat die Paul Simon producete in 1965. Daarna was Frank niet meer in staat om iets te maken door voortschrijdende schizofrenie en diepe depressie. De songs die hij achterliet werden door vele, hele grote kanonnen gecoverd, maar voor het grote publiek is Frank altijd een blind spot gebleven. Maar Dries’ uitvoering laat horen welk megatalent Frank was.

Dries heeft zelf zo’n song voor de eeuwigheid: na het fraaie ‘In The Heart Of Another‘ krijgen we ‘In The Morning Sun’, schitterende song met fijne gitaarlijnen  en met geweldige lyrics (die u maar lekker zelf moet gaan ontdekken) In een rechtvaardige wereld was dit een onbedaarlijke hit geworden. Volgende kindersurprise voor fijnproevers is ‘Though It Aches’ van Zweedse singer-songwriter Daniel Norgren, altijd een uitmuntende keuze. Deze song belicht de meer bluesy kant van de uit Zweeds staal opgetrokken reus, die ook een magistrale sfeerschepper is. Na het ontroerende, bijna desolate ‘Blind As I Am’, het zachtjes walsende slotnummer van zijn cd (met zinsneden als ‘Love was but a vulture’), laat Dries zijn eigen blueskant zien: ‘Water And Wine’ is een oudere song die ten slotte niet op de cd terechtkwam, omdat die song duidelijk in een ander universum thuishoort. Maar de diepe bruine brom en het aanstekelijke ‘rolling & tumbling’ ritme doen ons hopen dat die ooit op een cd terechtkomt. Volgt een nieuw hoogtepunt uit de cd, het vlot in het oor liggende ‘Money’. We krijgen ook een stukje uit de nieuwe cd van New Rising Sun, het fijne ‘Wait’, waarna ‘Nothing I Can’t Handle’ de aandacht vraagt. Dries flitst ons terug naar 1962 met ‘Tomorrow Is A Long Time’ van Bob Dylan, die het live voor het eerst uitvoerde een jaar later, in New York, al leerde de wereld het dan weer kennen in andermans livrei en verscheen de uitvoering van Dylan pas in 1971 via ‘Greatest Hits Vol. II’. Opnieuw een ongewone maar trefzekere keus van Dries.

Maar ook de daaropvolgende keuzes vallen op: opteren voor JW Roy, Nederlands singer-songwriter (in Engels, Nederlands, Brabants) en zelfs Rory Gallagher is niet vanzelfsprekend. Van Rory brengt Dries ‘Gambling Blues’ allicht omdat hij goed weet welke innige relatie Rory had met Gent. De set sluit af met een song die er nog geen is: ‘Prove Me Wrong, Prove Me Right’ is de werktitel van wat work in progress is, maar eerlijk, als hij het niet gezegd had, had je het niet geweten. Het slide werk op de akoestische gitaar (de elektrische ligt naast hem, maar daar komt hij niet aan toe… Daar hadden we hem zo graag ‘A Friend’ op horen spelen!) geeft de song ontegensprekelijk meerwaarde. Er kan, ondanks het vorderende uur, nog een bis af, het fijne ‘Jessie’ uit de plaat. Eindpunt? Nog niet. Wellicht omdat de sfeer ernaar was, zo onder oude en nieuwe vrienden, speelde hij daarna nog ‘Hard Times’ (ook ‘Hard Times Come Again No More’) van de peetvader van alle Amerikaanse singer-songwriters, Stephen Foster (1826-1864), die de song publiceerde in 1854. Foster schreef ook ‘Oh! Susanna’, ‘Swanee River’ en ‘Old Kentucky Home’ om maar die te noemen. Opnieuw raakt het slidespel menige gevoelige snaar, want zelfs na ruim 160 jaar heeft die song nog niets van zijn ontroerende charme en relevantie verloren. Opnieuw, maar voor het laatst vanavond, blijkt welke geweldige zanger Dries is…

 

Antoine Légat (28 10 18)

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s