Daithi Rua en Amparo Cortes op het Diaspora Festival in de Foyer van de Brugse Stadsschouwburg op zaterdag 14 november 2015: ‘Het thuiskomen van twee mooie, authentieke zielen, de Ier Daithi Rua en de Sevillaanse Amparo Cortés‘

Het Diaspora Festival is de opvolger van het Brugges Festival dat sinds de late jaren tachtig een uitstekende reputatie opbouwde in het programmeren in optimale omstandigheden van de beste internationale acts op het vlak van wat zo veralgemenend ‘wereldmuziek’ heet (om het ‘geen pop of rock’ te noemen) De binnenlandse acts werden zo mogelijk in ongewone combinaties voorgesteld en als het even kon in het kader van een of ander overkoepelend project. De lijst van originele verwezenlijkingen, primeurs en exclusieve optredens, debuten en ‘onbereikbare’ topnamen is indrukwekkend. De laatste jaren trad echter verval op in de publieke belangstelling:  de verantwoordelijken voor het verlenen van de onvermijdelijke subsidies -aan kwaliteit hangt nu eenmaal een prijskaartje- deden steeds moeilijker. Hun normen en eisen leken vaak niet gericht op de kwaliteit waar Jo Van Driessche, stichter en bezieler van Brugges Festival, zo gloeiend van overtuigd was. 2014 was een dieptepunt, maar niet artistiek: het aanbod (The Gloaming, Lula Peña en Yolda, het Istanbulproject van o.a. Wouter Vandenabeele en Tomash Noël…) was omgekeerd evenredig met de opkomst. En we merkten dat de kanalen die voorheen aandacht schonken aan het gebeuren nu zo goed als stom bleven, mogelijk omdat er ook zoveel aanbod is tegenwoordig.

 

Opgeven staat echter niet in het agenda van Jo, die het met opvolger Diaspora Festival over een andere boeg gooit. Het festival concentreert zich op muzikanten van vreemde origine die een band hebben met ons land, er wonen, er werken of er contacten hebben. Dat levert een bijzonder merkwaardige pool op van mensen die op een bijzondere manier hun eigenheid vonden, schrijlings tussen meerdere culturen. Diaspora zelf heeft het over een ‘voorraadschuur’. De eerste editie wou dat speciaal in het licht stellen met een Afrikaanse avond op vrijdag 13 november. We waren daar niet bij maar we kregen extatische commentaren over ons heen, komend van bronnen die je als ‘objectief’ mag beschouwen: N’Faly Kouyaté (wortels in West-Afrika, de Mandingo cultuur) en Stella Khumalo Quartet (Zuid-Afrika) maakten er een uitbundige opening van. Het nochtans sterke programma van zondagnamiddag moest dan weer afgelast worden wegens te beperkte interesse. Bleven het aperitiefconcert van zondag plus de zaterdagavond, even boeiend als divers. Dat laatste optreden van 14 november woonden we bij. Zowel Daithi Rua als Amparo Cortés werkten in het verleden al met Brugges Festival zodat het voor hen voelde als thuiskomen.

 

Sinds 2000 woont de Ierse singer-songwriter Daithi Rua (‘Rode David’, de bijnaam van David Donegan) in Gent. Hij verdeelt zijn aandacht wel tussen de Arteveldestad, zijn thuisland en Oslo/Noorwegen, maar Gent blijft tot nader order zijn thuishaven. Daithi heeft internationaal waardering geoogst voor zijn songs, die men dan ook vaak covert. Dat werd halfweg dit jaar in het licht gesteld: op 6 juni was het D-Day (Daithi Day) bij de voorstelling in De Centrale te Gent van de dubbel cd ‘The Harvest. Celebrating 25 Years’ met 31 songs. Een internationale cast van artiesten vertolkten elke een lievelingssong uit zijn repertoire. De meesten daarvan stonden ook op het programma die bewuste avond. Tot een stuk na middernacht duurde het verjaardagsfeest (25 jaar on the road), dat kon rekenen op een overweldigende belangstelling. Daithi herinnerde hieraan tijdens zijn Brugse passage toen hij het enige nieuwe nummer van de plaat bracht, het titelnummer ‘The Harvest’ (op cd met Zweedse zangeres Annika Fehling; ze schreven het samen op één dag) en aarzelde niet om de opmerking te herhalen van een deelnemer aan die avond: ‘Eindelijk kunnen we de songs eens horen zoals ze moeten gebracht worden!’.

 

De rol van geslagen hond ofte underdog ligt hem wel, temeer daar de collega vanzelfsprekend veel respect opbrengt voor de topperformer die Rua is, een tweede reden waarom de artiest zo geliefd is. Even dachten we dat het hele concert in het teken zou staan van de aanslagen in Parijs maar met het derde nummer (na een peace song geschreven samen met Eva De Roovere, met in het refrein de Arabische groet en heilswens ‘Salaam aleikum’, en ‘Stop’, aanklacht tegen de waanzin van de oorlog vooral de heilige) schakelde hij over naar een geliefde thema: de eigen familie. Zijn kranige grootmoeder Kathleen nadert intussen de negentig. Ze leefde altijd in hetzelfde dorpje (‘…came into this town in 1954’) en daarover schreef Daithi ’50 Years’. Zijn grootvader was dan weer een verhaaltjesverteller en hield sessies die hij ‘recitations’ doopte. Daarvan komt ‘From Monkey To Man’, waar parabel over apen zich diep schamen om het gedrag van de mensheid. ‘Die kunnen toch niet van ons afstammen?!’ luidt het.

 

Het inspireerde Daithi tot levensengagement: ‘Vanna’s Blue Laces’ verwijst naar de blauwe schoenveters, het symbool van Handicap International, vereniging voor de hulp aan anders validen in ‘moeilijke’ landen onder de noemer ‘We repair lives’. Vanna Oren uit Battambang, Cambodja, was één van de slachtoffers van de miljoenen landmijnen die zich schuilhouden in vroegere oorlogsgebieden en nog dagelijks doden of verminken. Ze diende als rolmodel voor de anderen in deze song, een ‘bestelling’ van Handicap International. Dat Vanna nu opnieuw rondloopt met prothesen is een overwinning van het leven. ‘Before We Leave‘ neemt het dan weer op voor de koppige inwoners van Doel. ‘The Ghost Of Mick MacDonnell’ gaat over een corporaal van het Royal Irish Regiment, die in WOI sneuvelde in de Westhoek (2/9/18) Zijn geest rijst op uit zijn graf en mijmert over het verleden aan de Ieperse Menenpoort. Daithi verleidt ons tot meezingen in de opgewekte ode aan zijn ‘eeuwig lief’, ‘Zaventem My Girl’. Na ‘The Harvest’ en het bitterzoete ‘Better Again’ (‘Hoe overleef ik een kort tevoren verbroken relatie?’ komt de militante Rua weer aan de oppervlakte: ‘Commander In Chief’ gooit een figuurlijke schoen naar G.W. Bush.

 

Daithi bedankt Jo Van Driessche met ‘Causeway’, een bijzonder vlot mee te zingen smachtende song: ‘Als ik een dam kon bouwen (over de zee) dan bouwde ik er één tot aan je deur, steen voor steen, stap voor stap, totdat je niet meer eenzaam bent’ Tot zijn verrassing staat het bloemenmeisje al klaar: Daithi had nog gerust een uur of twee kunnen en willen doorspelen, maar de oude regel van Brugges Festival geldt ook nu: één uur top! Hij kan zich troosten (en ook ons verblijden) met een spetterende uitvoering van ‘The Kings Of Kilburn High Road’ van zijn vriend Albert Nyland (die jaren in Gent woonde, ‘voorgoed’ naar Nederland verhuisde en vandaar prompt terugkeerde om zijn… eerste Gentse concert te spelen!) Het onderwerp van de song is voor de Vlaming een ver van mijn bed show (spijtig, want finaal is het een ode aan de vriendschap) maar deze uitvoering giet bakken levensvreugde uit over het publiek in de Foyer.

 

Ook bij Amparo Cortés staat levensvreugde centraal. Maar zij straalt die uit via de flamenco, die ze met de moedermelk in Sevilla kreeg ingelepeld. Elders vindt men de waarlijk indrukwekkende lijst van de familieleden die het schopten tot groten in het genre. Dat leek Amparo niet beschoren te zijn toen ze als zestienjarige met haar moeder naar België verkaste om hier te komen werken. Zingen bleef ze, maar pas toen ze Wannes Van de Velde ontmoette in 1978, stortte ze zich weer volop in het zingen. Samen met haar ‘compañero’ Wannes en ook met Dick Van der Harst (‘Het Huis der Verborgen Muziekjes’) zou ze zich in vele projecten storten. De steun van folkreus Paul Rans en de dit jaar overleden flamencospecialist André Fonteyne (André was ook een eminent kenner van klassieke blues en Indisch klassiek) deden Cortés, een vrouw die ook in het dagelijkse leven op de sterke emoties van de flamenco drijft, bijzonder veel deugd. We zagen haar enkele jaren geleden schitteren met haar eigen gezelschap met haar zoon José Cortés als tocaor (gitarist) en bailaor (danser) Miguel Muñoz. Ze kan vaak ook rekenen op slagwerker Ramón León Matίas  (naast de zoals te verwachten meest gebruikte cajón heeft die een kit mee met vooral cymbalen en enkele trommels) Naast drie cd’s heeft ze ook een dichtbundel op haar actief en naar verluidt schrijft ze nog dagelijks aan teksten die ze dan ook meteen in een feestelijke, bij de flamenco aanleunende sevillana giet, of een andere stijl binnen de flamenco.

 

José en Ramon zijn erbij, in Brugge, maar Miguel is niet te zien. Nochtans zijn er een extra stoel en een dansplaat voorzien. Amparo steekt van wal met een lied dat ze samen met haar ‘grande amigo’ Wannes geschreven heeft, even mooi als ontroerend. Het volgende draagt ze op aan het festival, uit dank voor de vriendschap en de gastvrijheid. Er komt een rijzige dame statig het podium op. Ze heeft een helgeel kleed aan met een sleep. Later zal blijken dat het de eerste maal is dat ze samen optreden. ‘On vient de se connaître, la danseuse et moi!’, zegt Cortés met een stralende glimlach. Daar staan we allen van te kijken, want de interactie tussen deze bailaora en het gezelschap liet veronderstellen dat ze al jaren samenwerken. De dame, van wie we de naam nog niet konden achterhalen, is de elegantie in persoon. Ze danst zoals je dat van een flamenca verwacht: een geweldige techniek, totale beheersing van het hele lichaam, een houding die fierheid en zelfvertrouwen uitstraalt. Nu eens gracieus, dan weer krachtig bouwt ze haar dans uit, en telkens weer bereikt die een hoger niveau, doet ze iets wat je nog meer verbaast.

 

Je ziet Amparo genieten, maar ook de drummer heeft een brede glimlach. Niet alleen zang, gitaar en slagwerk begeleiden of sturen de dans, ook de onvermijdelijke palmas, die de ritmes klappen, complexer dan wat wij in het noorden gewend zijn. Maar geen nood: onderweg zou Amparo ons zelfs uitnodigen om mee te klappen (ik hoop dat dat echter nooit op een liveplaat uitkomt) Het trage, wat weemoedige derde stuk (Amparo sprak nochtans van ‘alegrίa’) eindigt met furieus voetenwerk. Daarna verdwijnt de bailaora om later, na onder anderen een opvallend ingehouden canción por buleria, weer te keren in een felrood kleed zonder sleep ditmaal, een rode roos in haar met fraaie rode schoenen. Ze brengt nog meer variatie aan in haar dans. Lang kan Amparo zich niet meer bedwingen. Ze veert recht, zingt weg van de micro, wat geen probleem vormt met zo’n dragende stem, en begint mee te dansen. Dat mondt uiteindelijk uit in een duet dat een ongelofelijke levensvreugde uitstraalt, en tegelijk vertedert: de professionele danseres en de volkse vrouw (en da’s een compliment) die arm in arm hun flamenco beleven, de flamenco die hun leven vorm, waarde en betekenis geeft.

 

Het is in al zijn eenvoud één van de mooiste flamencoconcerten die we ooit zagen.‘Tener duende’ zegt men in Andalusië tegen die toestand van verhoogde gewaarwording van emotie, van intensere expressie, van grote eerlijkheid en authenticiteit ook. Het zegt meer dan ‘vuur en passie’ waarmee duende meestal omschreven wordt. Maar duende, dat spatte van het podium in de prachtige Foyer van de Stadsschouwburg. Amparo Cortés is meer dan artieste: ze zit ook in met wat er in de wereld gebeurt. Dat blijkt uit wat ze met een ernstige gelaatsuitdrukking tussen twee stukken vertelt over ‘Francia’. Dat ze niet begrijpt dat zoiets kan overkomen aan ‘gente buena’, dat het haar ‘muy fuerte’ raakt. Behalve in een spaarzaam gehanteerd elementair Frans, drukt ze zich uit in een fraai Spaans dialect, vermoedelijk van Sevilla. Want haar hart heeft deze grote dame nog altijd verpand aan haar geboortestreek en aan die wonderlijke multiculturele cross-over die de flamenco is.

Antoine Légat.

PS Zie ook Folkroddels en Rootstime.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s