Commentaren bij ‘SPINE’

SPINE. 1/ Fields Of Our Home (THE TALLEST MAN ON EARTH, cd Dark Bird Is Home) 2/ Caroline (Douglas FIRS, cd The Long Answer Is No) 3/ Ignorance (KING DALTON, cd Thilda) 4/ Decent Life (IRISH COFFEE, cd When The Owl Cries) 5/ Pick It Up (Paul WELLER, cd Saturns Pattern) 6/ Pineola (Mike SPINE, cd Don’t Let It Bring You Down) 7/ Rio Grande (Eilen JEWELL, cd Sundown Over Ghost Town) 8/ Reaper’s On The Prowl (Victor WAINWRIGHT, cd ‘Boom Town’) 9/ Darkness Of The Dream (THE TALLEST MAN ON EARTH) 10/ The Long Answer Is No (Douglas FIRS) 11/ Paradis perdus (CHRISTINE AND THE QUEENS, cd Chaleur humaine) 12/ Revolution (KING DALTON) 13/ Old Man (BERRY QUINCY, cd Tuesday) 14/ Don’t Let It Bring You Down (Mike SPINE; c. Neil YOUNG) 15/ Some Things Weren’t Meant To Be (Eilen JEWELL, cd Sundown Over Ghost Town) 16/ When The Day Is Done (Victor WAINWRIGHT) 17/ Walkin’ Blues (Sonny LANDRETH, cd Bound By The Blues) OFWEL Fashion (P NUTINI, cd Caustic Love) 18/ Silver Spoon (KING DALTON) 19/ Little Nowhere Towns (THE TALLEST MAN ON EARTH) 20/ That Kind Of Thing (Douglas FIRS) (AL; 03 09 15) – Er is geen verband tussen de vorige compilatie ‘SPIN’, genoemd naar een nummer van Eaves, en deze ‘SPINE’ dat dan weer verwijst naar Mike Spine, een Amerikaanse artiest die we deze zomer in Gent leerden kennen. Mike was op vakantie, maar had exemplaren mee van zijn cd die later op het jaar moest uitkomen, op het moment dat we deze liner notes pennen. Het titelnummer is een ouwe, maar gauwe van Neil Young, waartoe de stem van Spine zich goed leent. We voegden nog een eigen song toe, dat Mikes eigen kunnen belicht. Niet uitgesloten dat de man in het spoor van de reviews naar onze contreien afzakt voor een paar concerten. Uw benieuwd zijn is dan ook het onze. Ook benieuwd zijn we naar de komst van Eilen Jewell naar België, op 23 oktober in de N9 te Eeklo, het enige Belgische concert, iets waar we al heel lang naar uitkeken (sinds de vroege ‘Letters From Sinners And Strangers’ uit 2007, al hebben we de draad pas jaren later weer opgepikt) ‘Some Things Weren’t Meant To Be’ is a hell of a ballad en akelig dicht bij onze levenservaringen (niet alleen de onze), terwijl ‘Rio Grande’ één en al door Mariachi toeters aangeblazen levensvreugde is. Die laatste is zeer aanwezig bij King Dalton, waarvan we zowel de nieuwe cd ‘Thilda’ als het concert op Leffingeleuren in geuren en kleuren bespraken op www.rootstime.be en de loftrompet staken (eventjes geleend van één van die Mexicaanse muzikanten) Wat geldt voor live geldt grotendeels ook voor de studio, daarom deze uittreksels uit ons concertverslag van Leffngeleuren: ‘…Dit was zo’n verpletterende uitvoering van de meeste songs uit de nieuwe en enkele uit de vorige, dat King Dalton met comfortabele voorsprong hét optreden van LL15 op zijn naam mag schrijven, toch van de dertien acts die we konden beleven… Wat maakt King Dalton, anno nu, zo’n belevenis? Er zijn de grillige songs van Pieter De Meester, zang, akoestische gitaar en die opvallende bariton sax (in studio meer instrumenten) Die staan wel ver van de folk die hij en zijn broer Jonas De Meester (elektrische gitaren, diverse snaarinstrumenten als banjo en sitar… en in Leffinge een Weissenborn of gelijkaardig slide instrument) met AedO maakte. Maar de folk is niet vergeten: zo brachten ze een deel van het instrumentarium (de Ierse bouzouki!) en typische vaardigheden mee, die in rock niet gebruikelijk zijn… en Jorunn Bauweraerts, één van de bevlogen dynamische dames van Lais. Via dit internationaal bekende folktrio heeft ze een vocale bedrevenheid verworven die maar heel weinig zangeressen ten lande bezitten… De pompende rockritmesectie, staand en elektrisch bassist Tomas De Smet (in studio ook allerlei elektronica en verwerking van veldopnames) en drummer Frederik Heuvinck, ook al een stel klassenbakken met uitgebreide ervaring en een ongelofelijke honger, maakt de transformatie compleet… Het resultaat is viscerale, bijzonder hecht gespeelde, haast ambachtelijke rootsrock…’ Nog binnenlands talent is Douglas Firs, de pluimennaam annex bandnaam van Gertjan Van Hellemont, met Simon Casier (Balthazar) op bas, Christophe Claeys (Magnus, Amatorski) op drums en Sem Van Hellemont (broer) op keyboards. De tweede cd ‘The Long Answer Is No’ (opgenomen met hulp van o.a. Bram Vanparys, Steven De Bruyn en David Poltrock) heeft ons helemaal over de streep getrokken, zozeer dat we de zaterdag van Pukkelpop Douglas Firs zijn gaan bekijken, samen met onze enthousiaste vriend Joeri, een concert dat wat ons betreft een glorieuze confirmatie was van wat de cd beloofde. Het was moeilijk kiezen tussen de tracks, want de drie uitverkorenen op deze compilatie (=het normaal gesproken te respecteren maximum op een promoverzameling van deze aard) zijn lange niet de enige prijsnummers. Er zijn grote verschillen maar toch accordeert The Tallest Man On Earth goed met Douglas Firs, zoals de diverse juxtaposities op ‘SPINE’ hopelijk bewijzen. De tweeëndertigjarige Zweedse singer-songwriter Kristian Matsson met de merkwaardige stage name is met ‘Dark Bird Is Home’ al aan zijn zesde plaat. We houden van zijn ongebreidelde vitaliteit en als hij in de opener van deze ‘SPINE’ compleet over de rooie gaat, dan gaat hem dat goed af en is dat dus een gewild effect (dit in tegenstelling tot sommige kandidaten op crochets en talentwedstrijden op TV) Een spraakmakend debuut, voor onze toch die slechts mondjesmaat iets doorkrijgen van de francophonie, is dat van Christine And The Queens. Héloïse Létissier heeft met ‘Christine’ één van de superhits van het jaar te pakken. Nu kan dat feit ons vierkant gestolen worden, maar muziek en tekst plus de choreografie maken toch een bijzondere ervaring van dit nummer. Op de cd ‘Chaleur humaine’ staan nog (met het oog op de toekomst hoop- en) stijlvolle muziekjes, waar we ééntje uitpikten. Als u één van de honderduizenden bent die de cd in zijn bezit heeft, dan is er een dikke kans dat u hier over hoorde… Voor ons reden genoeg om ‘Paradis perdus’  toe te voegen: c’est un tube de  Daniel Bevilacqua. Qué? Ach, u kent hem beter als Christophe, ja, die van ‘Aline’ (‘Et j’ai crié: Aline! Pour qu’elle revienne’), monsterhit uit 1965, gevolgd door o.a. successen als ‘Les marionnettes’ en ‘Excusez-moi monsieur le professeur’. ‘ Toen hij acht jaar later ‘Paradis perdus’ schreef, was zijn popster al grotendeels getaand, maar hij bleef mooie dingen maken als chanteur-compositeur. Op de versie van Christine And The Queens speelt hij piano en ‘zingt’ hij mee (vocalises)… Nog een flashback: Irish Coffee was in de eerste helft van de seventies één van de beste rockbands in Vlaanderen, auteurs van een voor die tijd (1972) schitterende LP, ‘Irish Coffee’, geperst op 1000 stuks en nu een collector’s item (u raadt het, we hebben er één!) Het nummer ‘Masterpiece’ daaruit werd echter een hit tot ver buiten de landsgrenzen. Sprookjes blijven niet duren, maar sinds de eenmalige reünie van 2004 waren er diverse tekenen van leven op geluidsdragers, via vroegere zanger-gitarist (en ook bassist) William Souffreau, sympathieke kerel die al die jaren actief bleef, solo en in bands, te veel om op te sommen, maar constant op niveau.  Uit de nieuwe ‘When The Owl Cries’ verkozen we dit ‘Decent Life’ omdat het zowat de ‘modernste’ track is uit het aanbod, waar Irish Coffee zich anno 2015 absoluut niet over hoeft te schamen. Nog een oud-gediende is Paul Weller, na de hoogdagen van The Jam en Style Council actief onder eigen vlag, auteur van heerlijke langspelers (als ‘Wild Wood’ en ’22 Dreams’) en na al die jaren nog immer bevlogen bezig. Het aanstekelijke ‘Pick It Up’ lag voor het oprapen! Victor Wainwright heeft alvast een naam die ‘oud’ klinkt, in de zin dat iedereen meteen denkt aan Loudon Wainwright III, zuster Sloan, zoon Rufus, dochter Martha…, andere dochter bij andere moeder Lucy Wainwright Roche… Victor zegt dat hij familie zou zijn van Loudon, maar het heeft natuurlijk verder geen enkel belang. Wel van belang: de pianist uit Memphis, Tennessee, maakt het mooie weer in rootsland met blues, R&B, boogie woogie, gospel, Memphis soul en roots rock is en werpt zich op als een tegenhanger voor Dr. John (Creaux) the Nite Tripper (eigenlijk heet ie zoals u en ik gewoon Malcolm John Rebennack), de King Of Gris-Gris uit New Orleans, Lousiana. Twee heel verschillende tracks uit Victors ‘‘Boom Town’’ om dat te illustreren, een rootsrocker en een gospel. Uit Leuven, Belgium, komt dan weer het zeskoppige Berry Quincy, voorvechter van de klassieke rock. Hun tweede cd ‘Tuesday’ bespraken we voor www.rootstime.be (zie aldaar) en over de hier opgenomen track schreven we: ‘Persoonlijk houden we van opener ‘Old Man’, niet omdat het ons op het lijf geschreven werd, maar het nummer heeft nu eenmaal een mooie spanningsopbouw die oplost in een knap refrein’. Tot slot, de finishing touch. Als track 17 hadden we het schitterende ‘Walkin’ Blues’ gekozen uit de all blues cd van gitaar wizzard Sonny Landreth. Maar dat nummer bleek net iets te lang en daardoor moeilijkheden te veroorzaken, puur op het technische vlak, zodat we een alternatief zochten en vonden bij de cd van Paolo Nutini, die verleden jaar verscheen maar die we pas nu te horen kregen. Het is een iets mindere keuze, maar ‘Fashion’ is nu eenmaal niet te lang. En there’s always a next time. We zullen het hier trouwens niet te lang meer (t)rekken en u overlaten aan uw dagelijkse bezigheden. (AL; commentaren afgewerkt 01 10 15)

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s