RIELEMANS (THE INFAMOUS ROOTS RIELEMANS FAMILY ORCHESTRA), try-out in Arscene te Hansbeke op zaterdag 16 mei 2015: ‘Als deze onderhoudende, uitermate swingende, bijwijlen pakkende, zowaar leerrijke, alleszins prettig gestoorde, volgens sommigen nu al onvergetelijke avond een indicatie is van het potentieel van de bende van vijf, dan kan de toekomst hier niet snel genoeg zijn: Rielemans family for president!’

Feit: de naam ‘Rielemans’ werd eeuwen geleden nog betuigd in onze streken, maar is hij tegenwoordig uitgestorven. Nu is er (The Infamous Roots) Rielemans (Family Orchestra) en dat is een behoorlijk unieke bundeling van krachten, een soort lokaal Crosby, Still, Nash & Young, zij het nog in volle gisting, een samengaan van vijf verwante muzische zielen die iederéén, het publiek zowel als de betrokkenen zelf, al lang samen wilde zien optreden. Even kort door de bocht: Bruno Deneckere en Nils De Caster zaten samen in Gentse nineties trots The Pink Flowers. Hierna ontwikkelde Bruno zich tot een singer-songwriter van stand, al is hij ook een gedroomde secondant. Nils profileerde zich evenzeer als begeleider van anderen en is zeer gegeerd omwille van zijn meesterschap op allerlei snaarinstrumenten. Maar hij leidt ook diverse formaties en had een rol in de net niet Oscarrijpe prent ‘The Broken Circle Breakdown’. Kathleen Vandenhoudt en Pascale Michiels traden de laatste jaren voor het voetlicht als Billy & Bloomfish. Maar ze hebben een lange voorgeschiedenis samen, en nog veel meer apart. Luiz Márquez is leider van ethnojazz formatie Mezcal maar is vaak te horen aan de zijde van o.a. Bruno, spelend op allerlei saxen en mondharmonica’s, en verder op allerlei exotische instrumenten en muziek voortbrengende tuigen van Midden-en Zuid-Amerikaanse oorsprong.

Het publiek dat hier op afkomt behoeft geen introductie omdat het vertrouwd is met alle vijf. Het is dus meteen mee in het complot. Na een eerste voorzichtige try-out in Gent was het tijd voor een tweede, meer gestoffeerde voorproef in een volgepakt Arscene. Het nieuws hiervan deed snel de ronde en van heinde en ver kwam de familie op zaterdag 16 mei afgezakt naar Hansbeke: er kwamen fans van Turnhout, Diest, Oudenaarde… Alles was aanwezig voor een grootse avond: een volle zaal is altijd leuk, maar in deze als opnamestudio geconcipieerde ruimte is de akoestiek nagenoeg perfect. Technisch is alles optimaal. De muzikanten worden hier in de watten gelegd. De vrouw des huizes Katrien Labarque-Vermeire is intussen vermaard bij alle artiesten, die hier in de loop van nu al iets meer dan vijf jaar optraden, om het bijzonder lekkere eten dat ze telkens weer voortovert (we overwegen zelf een late loopbaan als artiest…) en de warme, hartelijke ontvangst in huiselijk comfort doet de rest. Dan heb je bovendien het hier welopgevoede publiek dat in goddelijke aanbidding luistert als er te luisteren valt, maar genoeg lef heeft om in pittige interactie te gaan met de mensen op het podium. Programmabouwer Wouter Labarque dankte achteraf trouwens expliciet de aanwezigen voor deze fijne houding.

Er is ook de hoge peil van het entertainment tussen de nummers (bindteksten kan je deze sotternieën niet noemen): gezien zowel Bruno als Nils goed van de tongriem gesneden zijn en gevat inspelen op alles wat gezegd wordt of rond hen gebeurt, shoot to kill, zijn de lachsalvo’s niet van de lucht. Rielemans, the band, is dus nog work in progress en een gedetailleerde omschrijving van wat de vijf brengen, heeft niet zo veel zin, omdat een groot deel van het repertoire afkomstig is van de individuele projecten. Het nieuwe werk moet nog ingespeeld worden. ‘We hebben een halve cd klaar’ zei Kathleen vroeg in de set, ‘en daarvan spelen we nu …‘Life’s Too Short’’ Die woorden waren amper koud of Bruno had zijn laconieke reactie klaar, gezegd op dat onderkoelde toontje: ‘Het wordt dus een bijzonder korte plaat’. Dan duurt het wel even vooraleer ieder weer haar of zijn cool heeft herwonnen om het nummer uit te voeren. Overigens een oorwurm met een aanstekelijk refrein, dat ‘Life’s Too Short’: velen had het achteraf over ‘blijver’ en ‘geijkte hit’. Al is dat wishful thinking, dat, en de andere nieuwe, zijn indicatie dat de vijf op hun niveau bezig zijn. ‘Nieuw’ is relatief natuurlijk: er zaten er ook tussen die al van oudere datum zijn, maar nooit opgenomen raakten, zoals Bruno’s ‘Who Gave Her Away’. Ook heel mooi en volkomen passend in dit concept, is zijn ‘I’d Do It Again’.

De taken werden eerlijk verdeeld, naar ieder godsvrucht en vermogen. Nils had zijn gebruikelijke snaren mee: lap steel, viool, mandoline en akoestische gitaar. Met Bruno wisselde hij ook de viersnarige bas ukulele uit. Toen hij het handige ding vernoemde, gaf dat aanleiding tot heel wat hilariteit omdat men dacht dat het weer eens een kwinkslag was. Maar… het is ook echt dàt instrument! Sinds de Dylan Tributes weten we dat Nils een uitmuntend zanger is. Hij zette de feestelijkheden in met ‘Soul Of A Man’, gospel blues van Blind Willie Johnson (1930) Het is één der grote bluesklassiekers en geregeld wordt die weer van stal gehaald. Nils zingt het bijzonder geloofwaardig. Dat kan ook gezegd van zijn interpretatie van ‘Catfish’ uit één van de vorige Dylan hommages, prachtsong die Bob Dylan schreef met Jacques Levy in 1975. Die kwam ten slotte toch officieel uit op ‘The Bootleg Series Vol. 1-3: Rare & Unreleased 1961-1991’. Ook ‘Blaze’s Blues’ (bekend voor het nasale ‘ah-ah-ah’ koortje) van Townes Van Zandt drijft op zijn straffe vocalen. Dat noemen ze sterk uit de hoek komen… Hij zat ook echt in de hoek, links, half verscholen onder zijn cowboy hoed.

Bruno hield het op de vertrouwde akoestische gitaar. Occasioneel speelde hij mondharmonica of bas ukukele. Geen verrassing dat we in het eerste deel ‘Diamond’ horen en na de pauze ‘Down To The Delta’: het zijn songs die hij courant brengt en die bepaald leven in de brouwerij brengen. Die laatste uitvoering laat horen waarom Rielemans zo’n goed basisidee is: met zijn vijven maken de girls en boys van de band er een heuse Louisiana Bayou & Swamp bash van. Erg, erg mooi is de hommage ‘The Thrill Is Gone’ aan het eind van het eerste deel. Bruno kondigt het niet aan, in de wetenschap dat ongeveer iedereen de grootste hit van de net overleden Riley B. King, alias B.B. King zou herkennen. Dé song, effectiever dan duizend eloges! King maakte in 1969/70 dit nummer van Roy Hawkins (en Rick Darnell) uit 1951 (en in oorsprong nog twintig jaar ouder!) tot één van de best geslaagde covers aller tijden. De manier waarop Bruno het met zijn staalblauwe stem brengt, maakt er een gracieus eresaluut van aan de op 89 jarige leeftijd gestorven grootmeester. We vonden het een hoogtepunt in het concert. Dat mag ook gezegd van eerste bis ‘Nashville’. Deze mijmering, die Bruno schreef in de States, kort na een bezoek aan de hoofdstad van de country, is intussen zowat zijn signatuursong geworden (naast het magistrale ‘Captain Of My Ship’ dat in deze context minder goed past en dus ook niet aan bod kwam)

Pascale van haar kant, zit niet aan de kant, maar in het midden. Ze vormt ook echt de las tussen de linkse en de rechtse kant van het podium en heeft een uitgebreid instrumentarium, dat mee de show steelt. Ze bespeelt vandaag alle drie de ‘Moon’ gitaren die ze aanschafte in China (we besparen u de namen van deze prachtige snaarinstrumenten met de ronde klankkast) Ze heeft ze intussen uitstekend leren bespelen, al zal een rasechte Chinese muzikant wel enige moeite hebben met haar speelstijl, die eigen vinding mag heten. De grootste van de drie hanteert ze ook als percussie, wat geweldig effect sorteert in het intense, broeierige ‘Deeper Well’, een nummer dat ze al jaren brengt en dat ze zich helemaal tot het hare heeft gemaakt. Daniel Lanois schreef het samen met Emmylou Harris én een derde songschrijver van wereldklasse, David Olney, en het staat te blinken op het na twintig jaar nog steeds briljant klinkende ‘Wrecking Ball’, de cd die de loopbaan van Emmylou opnieuw lanceerde. Eens te meer is het de grotere bezetting die toelaat er een mini symfonie van te maken. En de inbreng van Luiz met de Zuid-Amerikaanse bamboefluit als intro en outro geeft er nog een extra mysterieus-exotisch tintje aan. Te zien aan de vragen die er achteraf over gesteld werden, liet ‘Deeper Well’ een… diepere indruk na.

Pascale bespeelt nog ander tuig: één keer een kleine banjo, de dobro bij ‘Life’s Too Short’, maar ook de cajon en niet zelden het instrument dat we zullen betitelen als ‘de biezen’ die zeer creatief worden aangewend: men neme een stoel, zette er biezen (zoals je die vindt aan heksenbezems) op én een tamboerijn en men kloppe erop met andere biezen, zoiets. Tegen het einde aan geeft ze vaak het ritme aan met allerhande shakers en de rasp. Dat levert af en toe een visueel mooie interactie op met buurman Bruno. Kathleen naast haar houdt het rustig, toch voor haar doen: ze geniet ostentatief van elk moment. Ze houdt het op de akoestische gitaar, citeert samen met Pascale één keer uit de cd ‘Ridin’ The Rods’, die ze maakten als Billy & Bloomfish: ‘Cowgirls And Indians’ (een tweede cd is trouwens in de maak!) Uiteraard is er plaats voor een ‘Penitentiary Blues’ die de dames zingen alsof ze zelf achter de tralies zitten. De twee serveren ook een fraai gedraaide versie van ‘Darlin’ (Put Your Suitcase Down)’ van Ray Bonneville, Canadese bluesy singer-songwriter met een grote voorliefde voor New Orleans. Als tweede bis brengt zij haar eigen signatuursong, ‘Out Of The Rain’, al weten we dat ze het hoofd buigt voor de eerste uitvoerster van die song, de grote Etta James (ze nam die op voor ‘Stickin’ To My Guns’ uit 1990) maar Kathleen heeft er toch een heel eigen draai aan gegeven. Met de zoemende backings erbij herschiep het Arscene heel even tot een stukje hemel.

Luiz brengt binnen dit aanbod geen eigen werk aan, maar maakt zich verdienstelijk in de begeleiding, met sopraan, alt en tenor sax, mondharmonica en fluiten. Zowel zijn solo’s als de sfeerscheppingen geven een meerwaarde aan het geheel. Maar dat wisten we uiteraard allemaal al van zijn werk met Bruno. Dan hebben we nog niets gezegd over de andere songs als ‘Sentimental Blue’ of ‘Lowland’s Clay’, en evenmin hebben we ieders inbreng individueel of in samenwerking voldoende belicht (je hebt ogen en oren te kort om het allemaal in je op te nemen!)  maar er zal nog tijd zat zijn om daarop terug te komen als de voorbereidingsfase afgerond is. Oneffenheden zijn er altijd. Dat is zelfs een aanleiding tot veel vertier, toch zeker zoals Nils het sappig verwoordde: ‘Het is nen try-out voor iets, hé? Als ’t allemaal just is, is ’t geen try-out, hé?

Dit concert voelde als thuiskomen, de ‘Familie’ die ‘Thuis’ komt. Het is datgene waar de liefhebber al jaren stiekem van droomde, maar waarvan ie dacht dat het nooit zou geschieden. Als deze onderhoudende, uitermate swingende, bijwijlen pakkende, zowaar leerrijke, alleszins prettig gestoorde, volgens sommigen nu al onvergetelijke avond een indicatie is van het potentieel van de bende van vijf, dan kan de toekomst hier niet snel genoeg zijn. Rielemans family for president… Voor minder doen we het niet!

Antoine Légat (18 05 15; update 20 05 15)

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s