BIRDS THAT CHANGE COLOUR, On Recording Birds: ‘Hoop en al 38 minuten duurt ‘‘On Recording Birds’, maar ze werden erg fraai ingevuld… en passen netjes op een bijzondere vinylplaat!’

Zie ook http://www.rootstime.be en denk aan Record Store Day op zaterdag 18 april!!!

On Recording The Sun And The Moon’ heette de eerste plaat van Birds That Change Colour, de groep die zich over de jaren heen rond zanger-gitarist-songschrijver Koen Kohlbacher gevormd had. We mochten vrij enthousiast doen over deze, we citeren, ‘ontdekking’. Ook live, op de Feërieën in het Brusselse Warandepark, wist BTCC ons te bekoren. Maar hierna was het een hele poos stil. Koen nam zijn tijd. Toen opvolger ‘On Recording Birds’ verscheen in de tweede jaarhelft van 2014, voorafgegaan door de vrolijk klinkende single ‘My Love’ bleek dat een ondubbelzinnige bevestiging van de belofte. Een recensie op Rootstime bleef uit, maar de aankondiging dat ‘On Recording Birds’ op Record Store Day 18 april limited edition op vinyl zou verschijnen (we geven niet alle spoilers weg…), leek een goede gelegenheid om dat recht te zetten.

Voor ‘On Recording Birds’ trok BTCC naar de Ardense bossen om er live tussen de bomen te repeteren, te spelen en op te nemen. Die bomen luisteren met verstomming, maar zoals men hier en daar kan horen laten de vogeltjes zich niet onbetuigd. Om zich toch een idee te vormen van hoe dat in zijn werk ging, de YouTube clip voor ‘How Pretty All Flowers’ (niet op de cd opgenomen) licht een tip van de sluier. ’s Avonds trok het gezelschap zich terug in een klein huis ‘om binnen te werken’.  Naast Koen waren dat de getrouwen Micky Peeters (wurlitzer), Dave Schroyen (percussie) en vanzelfsprekend Nathalie Delcroix (Laïs, Erikccon Delcroix) die voor de hemelse heldere harmonieën zorgt, samen met nieuwkomer Naomi Sijmons (alias Reena Riot) Niels Hendrix (Fence) mocht komen bassen (en meer) Extra muzikanten waren op enkele nummers Tomas De Smet  (contrabas), Jo Zanders (allerhande slagwerk) en Frederik Claes (violen) Veel volk, maar de inbreng is spaarzaam: het zijn de vocalen die treffen.

Zes maanden na de release is de cd overal reeds uitgebreid besproken. Het heeft weinig zin om een diepgaande analyse neer te pennen en zullen de songs maar vluchtig overlopen. Maar het uitstel heeft wel het voordeel dat je langer kan luisteren en dat je een en ander beter kan laten doordringen. Je luistert na een tijd zelfs met andere oren. Toen de cd uitkwam waren we er minder van omver geblazen dan van ‘On Recording The Sun And The Moon’, wat eigenlijk te verwachten viel: al zijn de platen anders, de wendingen van de muziek worden herkenbaar en vertrouwd, daar waar de charme toch mede in het verrassingselement stak. Maar met de tijd en de beluisteringen kunnen we stellen dat we steeds meer details horen en dat de plaat daardoor ‘gegroeid’ is. We vinden nog steeds dat de vergelijkingen met Crosby, Stills, Nash & Young er met de lange haren bij gesleept zijn. Maar dat neemt niet weg dat de heel karakteristieke vocale acrobatieën zeer knap zijn, zeker in de openende pastorale kwartet ‘Boating Song’/’Dew’/’The Beach Boys’/’The Honest Ghost’. Als de hooggestemde zang ons al aan iemand doet denken, dan aan Andy Pratt ten tijde van ‘Avenging Annie’ op een track als ‘So Fine (It’s Frightening)’ (Pratt is trouwens opnieuw opgedoken met ‘Do You Remember Me’ met daarop een haast facsimile versie van ‘Avenging Annie’ – zie recensie Valsam op RT)

Met niets of niemand kunnen we de vogels vergelijken die van jetje geven op het een versnelling of twee hoger gaande ‘Rock Island Line’: dat laten we over aan de kenners. Met ‘Songs till May’ komen de West Coast summer of love invloeden stilaan boven: de aanwezige mama’s en papa’s doen daar zeer hun best. De boschampignons beginnen gaandeweg duidelijk te werken in ‘State Of Confusion’: dat klinkt in het begin soms als een hoofse minnezang en zou zo op een Amazing Blondel hebben gekund. Het einde is echter drie minuten serieus trippen. Ook tekstueel gaat een en ander de psychedelische toer op. Maar de bewering dat ‘Jesus, God’s one and only son was born in Duluth’, daar kunnen we wel inkomen, want de bekendste burger van Duluth, Minnesota draagt officieel de naam van Robert Allen Zimmerman, doch kennen we allemaal als de enige echte Baawb. Het korte idyllische a capella ‘June’ is een parel…waarna het volledig tegengestelde ‘My Love’ laat horen waarom het een terechte single was (maar hebt u dit ooit op de radio gehoord?) ‘Ask The Gallows’ gaat vrij contemplatief verder, begeleid door de udu (kleien idiofoon uit Nigeria) van Jo. Het opnieuw erg korte ‘Boating Song II’ sluit af met een minuut natuurgeluiden erachter aan. Hoop en al 38 minuten duurt ‘‘On Recording Birds’, maar ze werden erg fraai ingevuld… en passen netjes op een bijzondere vinylplaat!

Antoine Légat (09 04 15)

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s