Elfde MORE BLUES FESTIVAL in Zottegem zondag 12 mei 2013, deel III: ‘Twaalf met overtuiging spelende acts gespreid over drie dagen hebben van het elfde More Blues festival een bloemrijk lentefeest gemaakt, maar dat was niet mogelijk zonder een uitstekende organisatie, een geluidsversterking die zich vakkundig door deze jungle van instrumenten en stemmen heen werkte, en de onverdroten inzet van zoveel naamloze en goed gehumeurde vrijwilligers. Zij verdienen allemaal, naast hunnen hemel, een twaalfde editie’

Heerlijke dampen komen ons tegemoet bij het betreden van de tent in Egmonts park. We schrijven zondagmiddag 12 mei, dag 3 van het More Blues Festival 2013. Het is duidelijk dat diverse varkentjes het haasje zijn en dat heel wat vis in de pan werd gehakt. De Zottegem(e)naars schuiven geduldig aan bij het buffet, de tafels raken gevuld, de bekers al niet minder. Als de Fuel Kings ‘uit het Zottegemse’ dan nog zorgen voor digestieve klanken is deze dag alvast beter begonnen dan het klimaat laat uitschijnen. De Fuel Kings bestaan uit vier heren (we zagen over het hele weekend bekeken geen enkele dame op het podium…) en spelen ‘hi-octane rock-‘n-roll’, naar ze zelf schrijven. Dat blijkt te kloppen, daar ergens tussen ‘Rock-‘n-roll High School’ en de finale in het teken van Jerry Lee Lewis, met o.a. ‘Break Up’ en ‘Great Balls Of Fire’. Maar er zitten ook blues en boogie in de knapzak.

De pianist Pumpin’ Piano Fred is tevens de enige zanger van de groep, maar bassist Flamin’ Double Basso Phil valt op met zijn contrabas, deels in tijgervel en drummer Rhythm Wolfman staat vooraan, rechtstaand, op zijn vrij elementaire drum kit te hameren (de man krijgt wellicht daardoor het epitheton ‘Bob De Bouwer’ mee van de zanger) Het zal u al lang niet meer verwonderen dat de (goeie) gitarist Screamin’ Guitar JoJo gedoopt werd. Fuel Kings brengen een meer dan behoorlijke set. Hilarisch moment als Stefano Franco, de pianist die het hele weekend lang de intermezzi verzorgt, op podium komt voor een ‘quatre mains’ bij ‘Whole Lotta Shakin’’. De enthousiaste man uit Triëst(e) neemt na enige maten zelfs doodleuk het commando over, terwijl Fred(erik Plasschaert) dan maar een drankje nuttigt. Het kan verkeren!

De tweede formatie van de dag wordt wat ons betreft de ’revelatie’ van het festival, al is de kwaliteit van The Bluesbones een aantal aanwezigen blijkbaar niet ontgaan. Een loeiharde instrumentale intro en een al even spetterende eerste song waarin de geest van Jimi Hendrix waart, we wisten niet wat we hoorden. Maar het klonk fantastisch. Voor we konden bevroeden waar dit heen zou gaan, nam het vijftal gas terug met country rocker ‘Built For Comfort’. Het eigen nummer ‘Ridin’ Out’ volgt. Na het spetterende begin kiezen The Bluesbones voor een langzame opbouw, maar intussen is het al duidelijk: de groep beschikt over twee straffe gitaristen, Andy Aerts en Stef Paglia, en een zanger met een voor dit genre geknipt krachtig, schuurpapieren stemgeluid. Het titelnummer van hun in september 2012 uitgekomen eerste cd ‘Voodoo Guitar’ volgt, een lang uitgesponnen blues ballad, te situeren dicht tegen de Mexican border, in een negorij waar SRV en T-Bone Walker stiekem met elkaar aan het duelleren zijn. Onze aandacht hebben ze alvast!

Allergic To Work’ en ‘King Bee’ gaan het eigen ‘Believe Me’ vooraf, dat op de cd ook in een tweede, ‘symfonische’ versie staat. Hier krijgt het een bijna ondraaglijke climax. De power rock van de ziedende start drijft ‘Broken Down Car’ aan (en maakt Touring overbodig?), boogie in overdrive met ‘Groovin’ With My Baby’ (als het zo heet) en zelfs een semi-autobiografische song waarin ironie en zelfspot de boventoon voeren, ‘Got A Whisky Drinkin’ Woman’: deze Bluesbones blijven ons verbazen. Want ook de ritmesectie zit mee in het verhaal, en dat is niet alleen omdat slagwerker Dominique Christens inderdaad iets heeft van Dave Grohl (alvast beter dan Bob de Bouwer!) Bassist Ronald Burssens blijft uit de spotlights, maar kwijt zich prima van zijn ‘anonieme’ taak. Maar net als je denkt: we hebben het gehad met deze leuke band, komt de pièce de résistance: ‘Little Wing’ van Jimi… Eerst ongelooflijk: hier blijf je toch met je fikken af?! Nico kondigt aan: ‘Dit is het mooiste dat Hendrix schreef’… Wij denken enkel ‘Aiaiaiaiai…

Zo’n dikke tien minuten later moeten we onze mening herzien, om twee redenen. De band neemt net voldoende afstand van het origineel, zodat een eigen interpretatie ontstaat die geen afbreuk doet aan het origineel. Anderzijds voert Stef Paglia ons terug naar sixties toen Clapton nog God was en Jimi de geneugten van open versterker, effectpedalen en aanstekers aan het ontdekken was. Natuurlijk is het niet mogelijk die dagen te herbeleven of, for that matter, nog iets nieuws te doen met een elektrische gitaar, het is allemaal al tienduizend keer gedaan, maar de uitgewerkte solo’s die Stef met zijn typische, de actie knap onderstrepende motoriek neerpoot, zijn verdomd clever opgebouwd, terwijl hij toch alles uit zijn gitaar haalt wat je daar (muzikaal wel te verstaan) kan uithalen. De symboliek van de climax moet de lezer maar zelf eens gaan bekijken: die tart namelijk elke beschrijving.

De rest van het concert is na dit huzarenstuk eigenlijk overbodig, al doen de Bluesbones nog prima dingen met ‘Mr. Highwayman’ (van Howlin’ Wolf, beste Nico, Chester Arthur ‘Howlin’ Wolf’ Burnett…) en ‘She’s Got The Devil In Her’ (van Cedell Davis & David ‘Junior’ Kimbrough), waarin Nico de hele routine met het befaamde stukje ‘toneel’ doorloopt. De uitvoering van een Ian Siegal doet hij misschien niet vergeten, zeker niet zoals die dat bracht tijdens zijn legendarische passage, intussen de eerste van vier, op Peer in 2004. Maar dat optreden was om meerdere redenen van een andere planetaire orde en Nico’s versie haalt een ruim voldoende. Bisnummer ‘Pride And Joy’ sluit vrij dicht aan bij het origineel van Stevie Ray Vaughan, die het schreef voor zijn toenmalige vrouw… Of was het toch nog voor zijn vriendin van daarvóór?!

Retorische vraag, net als de bedenking hoe ver deze Bluesbones het kunnen schoppen. Heel ver, ongetwijfeld. De cd is zeker niet slecht, maar toont dat er nog gewerkt kan worden op diverse niveaus. Op een half jaar tijd zijn de vijf echter met rasse schreden vooruitgegaan, die indruk krijgen we toch. Als ze die progressie aanhouden, dan staat bluesland wat et wachten. Onthou alvast de naam en hou de concertkalender in de gaten: The Bluesbones. Als er dan toch enige bedenking te maken is, betreft die de plaatsing. Het viel allicht niet anders te doen, en dus is onze opmerking puur academisch, maar idealiter had hier het onderhoudende Deep And The Dukes kunnen staan, als het ware beter passend bij de maaltijd, met op vrijdag, als opstapje naar Gwyn Ashton, dan het fellere The Bluesbones. En als mijn tante wieltjes had…

Hoe dan ook, de topper van zondag werd inderdaad het derde hoogtepunt van het hele gebeuren. Vermits dat concert in de late namiddag van start ging en er tijd zat was, kon het er relaxt aan toe gaan. Het mocht daardoor zelfs doorgaan in twee delen, wat de King Of Beale Street dan ook deed. Preston Shannon heet de man, en hij zorgde voor de heerlijke apotheose van dit intussen al ruimschoots geslaagde More Blues, unisono met zijn uitgebreide, hoofdzakelijk Nederlandse, ronduit schitterende backing, inclusief blazers (Fat Harry & The Fuzzy Licks plus de met Shannon meegereisde bluesperformer Henry Oden, nog steeds een imponerende podiumverschijning, intussen 66, op de elektrische bas) Shannon, afkomstig uit Memphis, toch één van ’s werelds muzikale hoofdsteden, bezit een dijk van een stem die hij expressief en soulvol weet te gebruiken (al wisten de juryleden van The Voice America zijn stem er inderdaad niet uit the halen bij de blind auditions van het tweede seizoen) In tegenstelling tot vele technisch perfecte zangers graaft hij daarmee diep in de harten. Hij weekt emotie los. Dat is enkel de allergrootsten gegeven.

Veel hoeven we hier niet aan toe te voegen: collega Marcie gaf in haar verslag over Springblues in Ecausinnes al een omstandige beschrijving van wat deze Preston presteert, en dat is niet minnetjes. Het loopt in elk geval volledig parallel. Een snaar sprong er niet, maar ‘Purple Rain’ bracht de hele tent op de been en/of in vervoering. Te vroeg voor de aanstekers, maar gezwaaid met die handjes werd er wel. We onthielden pakweg nog ‘Honky Tonk’ (die song van Shannon was zowaar het startpunt van een inline dans rage, de ‘S.B.S.’ of ‘Shuffle Boogie Soul’, op You Tube!) en een bloedmooie uitvoering van ‘As The Years Go Passing By’ (Preston herinnerde eraan dat o.a. ook Albert King, B.B. King en zelfs ene Eric Clapton die song eerder opnamen) Bij ‘Going Back To Memphis’ daalde hij af op een inderhaast geïmproviseerde catwalk. Daar nam hij zijn tijd en gaf hij eenieder de kans zijn gitaarspel te bewonderen.

We verlieten het pand, excuus, de tent toen het ver op was, onder de tonen van ‘Born Under A Bad Sign’, song van Booker T. Jones en William Bell, maar bekend gemaakt via de gelijknamige historische bluesplaat van Albert King (1967) Hier kent men vooral de versie van Cream (met de zang en de bas van de onvergelijkelijke Jack Bruce)  En was Cream niet de band van Clapton? Yep. De wereld is klein, zeker in de blues. De lente mag dan uitblijven, in totaal twaalf met overtuiging spelende acts gespreid over drie dagen hebben van het elfde More Blues festival een bloemrijk lentefeest gemaakt, maar dat was niet mogelijk zonder een uitstekende organisatie, een geluidsversterking die zich vakkundig door deze jungle van instrumenten en stemmen heen werkte, en de onverdroten inzet van zoveel naamloze en goed gehumeurde vrijwilligers. Zij verdienen allemaal, naast hunnen hemel, een twaalfde editie.

Antoine Légat (15 05 13)

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s