MACK EVANS: PAWN SHOP GUITAR

Dit stuk staat online @ www.rootstime.be

Pawn Shop Guitar‘ is de tweede cd van singer-songwriter en dobrospeler Mack Evans, verlengstuk van zijn goed onthaalde ‘Lowdown‘ (2008) Met dit debuut was de man echter niet aan zijn proefstuk: al jaren speelde hij in het circuit van de dance bands (daar waar ‘Play Free Bird’!!!‘ het telkens weerkerende verzoek is) als in bars en restaurants, op blues nights en bij trouwpartijen. Ervaring zat dus. Hij echter recentelijk dat zijn songteksten ‘vreemd genoeg’ de mensen ook aan het luisteren zetten. Zijn observaties en verhaaltjes kweekten een nieuw soort publiek, doorspekt als zijn songs zijn met doordenkers en verwijzingen naar bluesmensen en standards (als in ‘Pay The Devil‘), vaak met een enigszins afwijkende thematiek als in ‘My Big Mama‘, ‘Elvis When He Was Elvis‘, ‘Three Between The Sheets‘ (van ‘Lowdown‘), met een spanwijdte van rockabilly (‘When Scotty Moore Played‘) tot rap (‘Shakespeer‘) Wij Europeanen zijn dat luisteren gewend, soms tot grote verwondering van Amerikaanse artiesten die hier voor het eerst performen, in de States kan je blijkbaar je ‘publiek’ enkel onder bedreiging stil houden, en dan nog at point-blank range. Zoals Mack Evans het ongeveer zegt: ‘Ook geschuifel van voeten en het gekraak van een houten stoel klinken als muziek.’

Evans is een aanhanger van de Piedmont finger style of East Coast Blues (fingerpickin’ stijl en ragtime ritmes; van Blind Blake en Blind Boy Fuller over Reverend Gary Davis, Etta Baker en Brownie McGhee tot Eric Bibb, Keb Mo’, Roy Book Binder en zelfs Ry Cooder), van de Bentonia School (de stijl geassocieerd met het stadje Bentonia in Yazoo Country, Mississippi, gelinkt aan de figuur van Skip James, later geïmiteerd door groten als Booker ‘Bukka’ White en Albert Collins; gitaarwerk met een vrij hoge complexiteit met vele ‘dreigende’ mineur akkoorden en een bourdon erin) en de (Mississippi) Delta Blues, die weinig uitleg behoeft. Het laat zich raden dat je daar op ‘Pawn Shop Guitar‘ alle elementen van terugvindt en dat ook zijn verleden erin weerspiegeld is. Zo is ‘Southern Rock‘ een enigszins nostalgische ode aan een stijl die hem goed vertrouwd is. Die song bevat heel wat verwijzingen naar ‘Sweet Home Alabama‘, is zelfs bijna een parafrase ervan, gelukkig van een iets subtieler soort dan men meestal te horen krijgen in hommages aan dit controversiële, maar archetypische southern rock nummer (denk aan ‘All Summer Long‘ van Kid Rock)

Het is, net als het titelnummer, één van de ‘grotere’ nummers van de cd, edoch zonder de algemene sfeer te breken. Doorgaans zijn de songs een stuk intiemer, al speelt er nooit minder dan vier man op één nummer. Het zijn wel degelijk allemaal originals. Opener ‘Alcohol Dance‘ geeft veel prijs van Macks werkwijze: ‘Bukka White heard it and he tried to imitate it, Charley Patton played it and people seemed to like it, then Tommy Johnson learned it, Robert Johnson stole it, Eric Clapton sold it, it was the alcohol dance‘ We gaan hier niet in op wat Evans hiermee wil vertellen (*), maar dit ligt in het verlengde van zijn eigen achtergrond: Mack Evans is namelijk etnomusicoloog en schreef een doctoraatsthesis over de blues als onderdeel van de Amerikaanse literatuur. Enige kennis van zaken kan hem niet ontzegd worden.

Evans heeft een goeie stem voor dit soort werk, een stem die hij bovendien in diepe regionen kan sturen. Dat sorteert effect, zoals in het alternatieve liefdesliedje ‘Angelita’ (dat begint met ‘Angelita takes the key to the highway…’ verwijzend naar de blues standard, geschreven door Charlie Segar maar het bekendst via Big Bill Broonzy en Little Walter) en ‘Revelator‘, met karakteristieke koortjes (daarin producer Denny Leroux) en prachtige invulling op banjo (Alan Dalton) en harp (Ty Hanson), waarin de gevallen engelen en het getal van de duivel vanzelfsprekend niet ontbreken. Opvallende tracks zijn nog: het fijne instrumentale ‘Bulldog‘, het gaandeweg zowaar lichtjes psychedelische ‘Still On Fire‘, beetje de vreemde eend in de bijt, maar geslaagd, de afsluiter ‘Ain’t Doin’ Too Bad‘, waarmee hij toch al een eind Chicagowaarts gaat.

Pawn Shop Guitar‘ biedt misschien geen spectaculaire nieuwe standpunten, maar maakt gebruik van bestaande elementen om een geloofwaardige herinterpretatie te bieden van een rijk verleden. Ze is het werk van iemand met de nodige kundigheid, met liefde voor de blues en een goed inzicht in de geschiedenis ervan.

Antoine Légat (26 08 12)

(*) Bij Booker ‘Bukka’ White heet het in gezongen versie ‘Give Me An Old Old Lady‘.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s