,,Candles: Bruno Deneckere en veel schoon volk” – BRUNO DENECKERE speelt ten dans op de afsluiter van de GENTSE FEESTEN 2009

 
 

,,Candles: Bruno Deneckere en veel schoon volk” – BRUNO DENECKERE speelt ten dans op de afsluiter van de GENTSE FEESTEN 2009 bij Sint-Jacobs, op maandag 27 (,,Dag van de lege Portemonnees”), eigenlijk dinsdag 28 juli 2009 van één tot zes uur.

Hierbij spreken we de vurige hoop uit dat men volgend jaar aan iemand anders dan Bruno (Deneckere) vraagt om de Gentse Feesten af te sluiten…Niet omdat het zo barslecht was, net integendeel: ,,Candles: Bruno Deneckere en veel schoon volk” was simpelweg de beste afsluiter die we zelf ooit meemaakten bij Sint-Jacobs! Zo goed dat dit niet voor herhaling vatbaar is, vrezen we: het zou alleen maar minder kunnen (*) Het hele gebeuren liep vlot, muzikaal was het gewoon af, ook wanneer de gasten het podium betraden. Het geluid was voor één maal en ondanks die steeds wisselende samenstellingen zo goed als het maar kan (dank zij Bryzze, één van onze allerbeste geluidsmensen) Als klap op de vuurpijl hadden alle artiesten er danig veel goesting in en ze deden dan ook hun uiterste best om er een féést van te maken…

Zoals in de vorige dagen van deze Gentse Feesten toch iets minder bezoekers dan anders, geen goed nieuws voor de GF, waarvan de formule in opspraak is. Vandaar ook de campagne om geen drank mee te brengen. Met de vrij dure stalletjes probeert men de feesten grootschalig én gratis te houden, een moeilijk te verzoenen evenwicht. Maar dat zijn zorgen voor later. Het kon allemaal de pret niet drukken. Want plezier was er alom, die laatste avond, ondanks de geplunderde beurzen: met de danssessies in het Baudeloopark, met het boombal (Triple X ft. Bart Maris), en de initiatie vooraf, bij Sint-Jacobs. Om de folkstemming overeind te houden en, netjes gepast, in aanloop op Bruno had men een aantal bekende folkartiesten gevraagd om een gelegenheidsoptreden te verzorgen. Tom Theuns leidde de festiviteiten tussen elf en één. We zagen o.a. Gabriel Yacoub die (samen met echtgenote Sylvie Berger) voor dit éne optreden vanuit de diepten van Frankrijk gekomen was. Uiteraard had ook Grote Manitou Walter De Buck zijn vlieger…we bedoelen: zijn stek. We herkenden ook Soetkin Collier, Pieter De Meester, Sophie Cavez (het diatonisch accordeon), de vlammende violen van Wouter Vandenabeele en Aurélie Dorzée, drummer Stephan Pougin en Jo Zanders, en daneren, kortom leden van folktopbands als Urban Trad, Aurelia, AedO, Dazibao, KV Express… Dit soort projecten is echt op maat van de GF en we mogen hopen dat men dit in de volgende jaren doorzet.

Mogen wij en passant nog eens een lans breken voor Yacoubs laatste meesterwerk, De la nature des choses, geschreven naar aanleiding van trieste persoonlijke belevenissen?

Om één uur ’s nachts begon stipt ,,Candles: Bruno Deneckere en veel schoon volk”. Het eerste deel werd ingevuld door Bruno & The Herods zelf. Hans Van Oost (elektrische gitaar), Yves Meersschaert (keys), Luiz Marquez (mondharmonica, saxen), Nils De Caster (viool, lap steel), Mario Vermandel (double bass) en Tom De Wulf (drums) gingen hun gangen met een fractie van het repertoire waarmee Bruno op dit moment rondtoert, oud en nieuw door mekaar. Het viel op hoe goed de reacties waren op deze songs die een breed publiek niet kent: er zit één hit tussen! We noteerden een nieuwe, knappe, erg filmische instrumental als opener, het gedreven Diamond, The Real Thing (ons persoonlijk Onbereikbare Levensideaal: ,,If you want the real thing, don’t settle for less”), Nashville, met schitterend werk op de fiddle door Nils, No Man’s Land (een moment van ingetogenheid op het plein, omwille van het thema, omwille van de Andesfluit waarmee Luiz Marquez collectieve rillingen bezorgde)

Plaats ook voor het opzwepende Walking On Water (een recente song maar met een geweldig stop phrase!), Tell Her I’m Gone (in een sterk vertraagde, zowaar broeierig-dreigende versie), Big Oak Tree (de ode aan Nick Drake, die zo heerlijk op Bruno’s vierde en voorlopig laatste cd Someday staat), de onverbiddelijke meezinger Only If I Wanted To en -je moet het maar durven op dit uur en deze plaats- het altijd weer ontroerende, van de saudade druipende It Took So Long For Me To Find You, waarop Nils en Yves lang doorspeelden, terwijl het gordijn dicht ging. Het gaf Bruno de tijd om post te vatten in één van de loges van de Scala, tegen de kerk aan geplaatst, en dat voor een solo deel.

Het duurde even voor men hem in die loges kon spotten. Bruno trakteerde op zijn nieuwste song, een meesterlijke song dat je zowel letterlijk als figuurlijk kan oppakken: The Captain Of My Ship heet het geslepen diamantje en moet dringend op single worden gezet! Zijn voorliefde voor Woody Guthrie (Ain’t Gonna Be Treated This Way) en Bob Dylan (Rock Salt And Nails, bekend van The Basement Tapes, maar eigenlijk gepend door de onlangs overleden Bruce ‘Utah’ Phillips) kwam uiteraard weer bovendrijven. Het eigen Laura had in 2004 een hit moeten worden, maar het verscheen nooit op single. Het zorgde voor een gezellige sfeer, maar dat zou snel omslaan…

Intussen had de Propere Fanfare van De Vieze Gasten (met o.a. Tom De Wulf als gastmuzikant) zich immers achter het rode doek klaargezet. Aan het eind van Laura vloog het gordijn plots open en ,,ontplofte” het boeltje in een orgie van muziek, zang en dans, waarbij ook vuurspuwers voor de spetterende show zorgden. De fanfare ging een dik uur lang tekeer met eigen, minder bekend en overbekend werk, zoals Oye Como Va van Santana. Op het eind borstelden de dames van het koor de scène schoon… Het is per slot van rekening een ,,propere” fanfare! Een goeie beurt dus en zeker een apart verslagje waard, maar we moeten voort.

Aan het eind nam Kathleen Vandenhoudt over in de Scala, want nu moest tijd worden gewonnen om de Bühne weer klaar te maken voor de gasten van Bruno. Kathleen speelde de verwachte songs: het immer actuele For What It’s Worth (Stephen Stillsclaim to fame) en Perfect Day (Lou Reed), twee maal goed hernomen door de menigte. Maar Baby You Got It (de laatste hit van Roy Orbison) en The Joker van Steve Miller waren verrassende keuzes. Met Crescent Of The Moon zette Bruno de bijzonder lange eindspurt in, die tot zes uur zou duren, een hele poos langer dan verwacht. Niemand die dààr om maalde!

Door omstandigheden misten we een uurtje van de optredens, maar we genoten o.a. van Kathleen Vandenhoudt met het van Johnny Cash bekende Rusty Cage en eindelijk ook een eigen song, het gloedvolle Don’t Ever Stop Caressing Me, Mong Rosseel met, hoe kan ook anders, Het Apenkot, vanzelfsprekend in een sterk geactualiseerde versie (de strijdbijl zal ie wel nimmer begraven! Geen heilig huisje veilig!), Filip De Fleurquin (My Appaloosa en Sweet And Strong), Johan Verminnen, door een deel van de aanwezigen op boegeroep onthaald. Maar dat veranderde snel als Johan zonder verpinken zijn prijsnummers bovenhaalde en iedereen op de knieën dwong: Mooie Dagen, Rue des Bouchers en Laat me nu toch niet alleen, hattrick en 3-0 voor FC Verminnen! Met Little Red Rooster trok veteraan Paul Couter, ouwe kompaan van Arno, ook een streep blues door de nacht.

Uiteraard moest de Fanfare van Honger en Dorst nog passeren, dank zij Lieven Tavernier. Na De Schedelgeboorten (met Rik Tans) was het de beurt aan Pieter-Jan De Smet met Hungry Heart (Bruce Springsteen) en Everybody Must Get Stoned (Bawb forever), Wim De Wulf met Grensgeval/Cas Limite (van zijn gelijknamige schitterende dubbel cd) en Et moi, et moi, et moi van Jacques Dutronc (iemand kwam Wim achteraf zeggen dat hij zo genoten had van ,,dat lied van Jacques Dutroux”!) Dat een aantal muzikanten op podium ook Wims band vormen hielp natuurlijk om dit het meest extatische moment van de morgen te maken. Dirk Dhaenens, beter bekend als Derek, hield er o.a. met Shame, Shame, Shame, de sfeer in. De jonge rockgitarist/singer-songwriter/bluesmuzikant Tiny Legs Tim liet meer dan een glimp van zijn grote talent zien met Vampire Love en Tonight (,,Eigenlijk is het ‘This Morning’…” zei hij, terwijl het al flink begon te dagen) Hierna zagen we nog meer jeugd, met Jonas en Pieter De Meester van AedO.

Stilaan werd het tijd om af te ronden. Bruno’s eigen Beautiful Morning (uit Blind Man’s Son, de laatste cd van Bruno’s en Nils’ vroegere groep The Pink Flowers, eigenlijk een soundtrack) klaarde de klus. Nog net tijd voor een al even enthousiast (nou ja, gezien het uur toch) meegezongen Blaze Of Glory (van Jon Bon Jovi uit zijn soundtrack voor de prent Young Guns II; lange niet onze lievelingsartiest maar een geweldige afsluitende song) De laatste moedigen gingen (strompelden, waggelden…) huiswaarts…of stapten naar de naastgelegen Vlasmarkt voor nog een pint, een paar pintjes, een vat. Dat heeft voor sommigen inderdaad nog heel lang geduurd. Op naar 2010!

Antoine Légat (19 08 09) (*) dat is dus een BOUTADE, slimmeke!

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Muziek. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s